B1Het woordje "er": 4 manieren🔍
Het woordje "er": 4 manieren 🔍
1. Plaats: Ik woon er al vijf jaar. (= daar) 2. Onbepaald onderwerp: Er staat een man voor de deur. 3. Met een getal: Ik heb er drie. (drie van die dingen) 4. Met een voorzetsel: Ik denk erover na. Ik wacht erop. Niet alles tegelijk leren. Begin met nummer 2: "Er is / Er zijn …" gebruik je elke dag.
27/08/2026 · 52 views
Comments