Vocabulaire néerlandais: Basic words — liste de mots A1–B1 avec exemples (2026)
150 mots néerlandais sur le thème mots de base pour les examens d'intégration et le NT2, classés par niveau (A1–B1), avec sens et phrase d'exemple. Gratuit et imprimable.
Niveau A1
150 mots
the (common gender; plural)
Het is twee uur in de namiddag.to be; (auxiliary) have
De winkel is op zondag gesloten.and
Ik heb een neef en een nicht.a; an
Ik wil graag een kopje koffie.the (neuter)
Het huis staat naast de kerk.of; from; by
Dit is de fiets van mijn broer.I
Ik woon al twee jaar in Utrecht.in; at
Ik woon in een klein dorp.you; your (informal)
Heb je vanavond tijd?he
Hij zit bij mij in de klas.she; they; them
Ze heeft voor mij een cake gebakken.it
Het regent vandaag de hele dag.not
Ik begrijp de vraag niet.on; at
Het boek ligt op de tafel.to have
Wij hebben twee kinderen.that; which
Dat is mijn nieuwe telefoon.but
Ik wil wel komen, maar ik heb geen tijd.that
Ik weet dat ik het mis heb.to; too
Het is tijd om op te staan.that; those; who; which
Ik heb rekeningen die ik moet betalen.for; before; in front of
Deze bloemen zijn voor jou.there
Er zijn veel mensen in de winkel.his
Hij zoekt zijn sleutels.to say; to tell
De mensen zeggen dat ik dom ben.what; something
Wat wil je drinken?on; at; to
Ik geef het boek aan mijn zus.can; to be able to
Kunt u mij helpen?we
Morgen gaan we naar het strand.to go
Het is tijd om weg te gaan.then; than
Eerst eten we, dan gaan we wandelen.if; when; as
Als het regent, blijf ik thuis.also; too
Mijn vrouw spreekt ook Nederlands.much; many; a lot
Ik zal dit met veel plezier doen.her
Ik heb voor haar een pop gemaakt.must; to have to
Ik moet morgen vroeg werken.still; yet; more
Ik ben nog steeds aan het koken.to become; to get
Mijn zoon wil later dokter worden.out of; from
Ik kom uit China.so; like this; soon
Ik kom zo, even wachten.to come
Wanneer kom je bij ons eten?at; near; with
Ik woon bij mijn ouders.you (formal)
Waarmee kan ik u van dienst zijn?or; whether
Is dat een ja of een nee?to do
Is er iets dat ik kan doen?indeed; well; probably
Ik kom wel even langs.good; right
Ik denk dat het wel goed komt.him
Ik heb hem maar één keer ontmoet.shall; will
We zullen er om half drie zijn.to see
Laat het me nog een keer zien.about; over; above
Het boek gaat over de geschiedenis van Nederland.to want
Ik zou graag een stadsplattegrond willen hebben.no; not a
Ik heb geen auto.there
Daar is het station.this
Is het veilig om dit te eten?through; by; because of
We fietsen door het park.very; whole
Hij heeft een heel grote fout gemaakt.me
Kun je me morgen bellen?already
Ben je al klaar met je werk?to find; to think
Ik vind het fijn hier te werken.here
Ik wist dat je hier zou zijn.to make
Ik maak een salade voor het avondeten.to know
Ik zal het je later laten weten.to look; to watch
Ik ben alleen maar aan het kijken.still; after all; anyway
Het regende, maar we zijn toch gegaan.how
Hoe gaat het met je?yes
Is dat een ja of een nee?to stand; to be (placed)
De bus staat al bij de halte.to sit; to be
Ik zit graag bij het raam.us; our
Ik hoop dat niemand ons heeft gezien.again
Wat leuk om je weer te zien.all
Al mijn vrienden komen op het feest.as; like
Ze werkt als verpleegkundige.himself; herself; themselves
Zeg Tom dat hij zich moet klaarmaken.to ask
Mag ik je vragen wie je bent?to think
Ik denk dat het morgen gaat regenen.something; anything
Is er iets dat ik kan doen?where
Waar is het station?to let; to have (something done)
Laten we Tom met z'n allen helpen.me
Hij zit bij mij in de klas.only; alone
Ik zei dat je alleen moest komen.you (informal)
Ik ben net zo oud als jij.person; human being
De meeste mensen zijn het ermee eens.to give
Kun je mij het zout geven?against; to
Ik ben tegen dat plan.no
Is dat een ja of een nee?than
Mijn broer is ouder dan ik.other; another; different
Laat me een ander voorbeeld zien.big; large; tall
Ze wonen in een groot huis.real; really
Ik hoop echt dat je gelijk hebt.away; gone
Mijn sleutels zijn weg.along; with
Ga je mee naar de markt?so; therefore
Het regent, dus ik neem de bus.nothing
Ik heb vandaag nog niets gegeten.to hold; to keep; to love (van)
Ik houd van koffie met melk.because; for
Ik weet het niet, want ik was er niet.to hear; to belong
Het is spijtig om dat te horen.she; they
Zij heeft mij haar album laten zien.to stay; to remain
Ik heb besloten om hier te blijven.always
Ik drink altijd thee bij het ontbijt.everything; all
We hebben alles gedaan wat we konden.to tell
Ik kan het je nog niet vertellen.never
Ik heb nog nooit sushi gegeten.long; tall
Ik zal er niet lang over doen.because
Ik doe het omdat ik het wil.who
Wie is jouw docent Nederlands?back
Ik wist dat je terug zou komen.beautiful; nice
Ik kocht een mooi horloge voor mezelf.very; bad; serious
Je leek het erg druk te hebben.to lie; to be (located)
Mijn telefoon ligt op de tafel.maybe; perhaps
Misschien kan ik het je laten zien.why
Waarom ben je zo laat?to begin; to start
De cursus begint volgende week.we
Wij wonen al vijf jaar in Nederland.everyone; everybody
Goedemorgen iedereen!life
Het leven in Nederland is duur.normal; ordinary; simply
Je zou gewoon naar huis kunnen gaan.you (plural)
Komen jullie morgen ook?to; closed; extra
De deur is toe.all; everyone
Zijn jullie er allemaal?often
Ik ga vaak met de fiets naar mijn werk.new
De auto van mijn vader is nieuw.self; oneself
Ik kan niet zelf naar huis rijden.nobody; no one
Ik hoop dat niemand me heeft gezien.small; little
Ze hebben een klein appartement in de stad.old
Ik ben net zo oud als jij.you (informal, object)
Was ik met jou aan het praten?city; town
Ik woon al vijf jaar in deze stad.completely; totally
Ik ben het er helemaal mee eens.pair; couple; a few
Ik heb een paar vragen.necessary; needed
Ik weet dat ik hulp nodig heb.to help
Ik ben hier alleen om te helpen.one
Ik heb geen pen. Heb jij er een?therefore; that's why
Daarom ben ik bij jou gekomen.own
Ze heeft een eigen bedrijf.to take; to grab
Ik pak even mijn jas.to speak
Spreekt u Engels?behind
De fiets staat achter het huis.differently; otherwise
Schiet op, anders missen we de trein.immediately; at once
Je hoeft het niet meteen te doen.each; every
Ik ga elk jaar naar China.between; among
Het gebeurde tussen acht en tien uur.first; at first
Eerst eten, dan huiswerk maken.to use
Ik heb het maar één keer gebruikt.important
Ik denk dat het heel belangrijk is.them
Hij hield op met hen te praten.open
Je hebt een raam open laten staan.hair
Ik laat mijn haar knippen.enough
Heb je genoeg geld bij je?sometimes
Mijn vader gaat soms naar het buitenland.afraid; scared
Mijn zoon is bang voor honden.Autres thèmes
Sens rédigés avec l'aide de l'IA · pas encore vérifiés Level data: NT2Lex (UCLouvain), CC BY-NC-SA 4.0. Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR). Definitions and translations: EUpassway (AI-assisted).