Algemeen · A2
kort; een moment bijwoord
for a moment; just; equally
Wacht even, ik kom zo.Wacht even, ik kom zo.VoorbereidenWoordenschat
Woordenschat
Leer het in context. Hoor het. Maak het van jou.
2097 woordenWoorden gegroepeerd per situatie die je in het examen tegenkomt.
2097 woorden
Algemeen · A2
kort; een moment bijwoord
for a moment; just; equally
Wacht even, ik kom zo.Wacht even, ik kom zo.Tijd, data en getallen · A2
uren, minuten; periode zelfstandig naamwoord
time
Het is tijd om op te staan.Het is tijd om op te staan.Algemeen · A2
zeker; zoals verwacht bijvoeglijk naamwoord
of course; natural
Natuurlijk is ze in het examen geslaagd.Natuurlijk is ze in het examen geslaagd.Algemeen · A2
één keer; ooit bijwoord
once; ever; just
Kom eens bij ons langs.Kom eens bij ons langs.Algemeen · A2
zojuist; precies bijwoord
just; exactly
De trein is net vertrokken.De trein is net vertrokken.Tijd, data en getallen · A2
op dat moment in het verleden bijwoord
then; at that time
Ik woonde toen nog in China.Ik woonde toen nog in China.Algemeen · A2
telkens; altijd weer bijwoord
always; increasingly
Het wordt steeds kouder.Het wordt steeds kouder.Algemeen · A2
klaar; los van bijwoord
off; finished; down
Mijn huiswerk is af.Mijn huiswerk is af.Algemeen · A2
een persoon, niet bekend wie voornaamwoord
someone; anyone
Ik denk dat we iemand zijn vergeten.Ik denk dat we iemand zijn vergeten.Gezondheid en dokter · A2
deel van je arm met vingers zelfstandig naamwoord
hand
Was je handen voor het eten.Was je handen voor het eten.Algemeen · A2
nu; (om iets te benadrukken) bijwoord
now; well
Nou, dat is goed nieuws!Nou, dat is goed nieuws!Samenleving en KNM · A2
de man die een land regeert (vorst) zelfstandig naamwoord
king
De koning heeft zijn verjaardag op 27 april.De koning heeft zijn verjaardag op 27 april.Algemeen · A2
op het moment dat (verleden) voegwoord
when (past)
Toen ik klein was, woonde ik in Shanghai.Toen ik klein was, woonde ik in Shanghai.Gezondheid en dokter · A2
bovenste deel van je lichaam zelfstandig naamwoord
head
Ik heb pijn in mijn hoofd.Ik heb pijn in mijn hoofd.Familie en sociaal leven · A2
iets gaan pakken en meenemen werkwoord
to fetch; to pick up; to pass
Ik haal de kinderen om drie uur van school.Ik haal de kinderen om drie uur van school.Algemeen · A2
op dezelfde manier als voegwoord
like; as; such as
Doe het zoals ik het je heb laten zien.Doe het zoals ik het je heb laten zien.Algemeen · A2
lager dan voorzetsel
under; below; among
De kat slaapt onder de tafel.De kat slaapt onder de tafel.Algemeen · A2
zonder twijfel bijvoeglijk naamwoord
sure; certain
Ik weet zeker dat Tom kan winnen.Ik weet zeker dat Tom kan winnen.Algemeen · A2
hard iets zeggen werkwoord
to call; to shout
Roep me als je hulp nodig hebt.Roep me als je hulp nodig hebt.Algemeen · A2
niet meer levend bijvoeglijk naamwoord
dead
Mijn plant is dood, ik heb vergeten water te geven.Mijn plant is dood, ik heb vergeten water te geven.Gezondheid en dokter · A2
merken met je lichaam of hart werkwoord
to feel
Ik voel me vandaag niet zo goed.Ik voel me vandaag niet zo goed.Samenleving en KNM · A2
de aarde en alle mensen zelfstandig naamwoord
world
Hij is over de hele wereld bekend.Hij is over de hele wereld bekend.Vrije tijd en cultuur · A2
iets wat je vertelt zelfstandig naamwoord
story
Ik denk dat het verhaal waar is.Ik denk dat het verhaal waar is.Werk en inkomen · A2
niet los; zeker bijvoeglijk naamwoord
fixed; firm; surely
Ze heeft een vaste baan bij de gemeente.Ze heeft een vaste baan bij de gemeente.Algemeen · A2
kijken of iets lukt werkwoord
to try
Wil je het nog een keer proberen?Wil je het nog een keer proberen?Algemeen · A2
ook nog (verrassend) bijwoord
even
Ik moet gaan, zelfs wanneer het regent.Ik moet gaan, zelfs wanneer het regent.Algemeen · A2
in werkelijkheid bijwoord
actually; really
Eigenlijk heb ik geen zin om te gaan.Eigenlijk heb ik geen zin om te gaan.Gezondheid en dokter · A2
het einde van het leven zelfstandig naamwoord
death
Ik heb geen angst voor de dood.Ik heb geen angst voor de dood.Familie en sociaal leven · A2
helpen en letten op werkwoord
to take care of; to make sure
Ik zorg voor mijn oude moeder.Ik zorg voor mijn oude moeder.School en studie · A2
een deel van een zin zelfstandig naamwoord
word
Wat betekent dit woord?Wat betekent dit woord?Algemeen · A2
naar die plek toe bijwoord
to (a place); away
Wie weet waar Tom heen is gegaan?Wie weet waar Tom heen is gegaan?Algemeen · A2
in het bijzonder bijwoord
especially; mainly
Ik hou van muziek, vooral klassieke muziek.Ik hou van muziek, vooral klassieke muziek.Algemeen · A2
er kan niets meer bij bijvoeglijk naamwoord
full
De trein was vanochtend erg vol.De trein was vanochtend erg vol.Vervoer en reizen · A2
niet zoveel als voornaamwoord
less; fewer
De treinen rijden 's nachts minder vaak.De treinen rijden 's nachts minder vaak.Algemeen · A2
plaatsvinden werkwoord
to happen
Zou dat nog een keer kunnen gebeuren?Zou dat nog een keer kunnen gebeuren?Algemeen · A2
een plek zelfstandig naamwoord
place; seat
Is deze plaats nog vrij?Is deze plaats nog vrij?Algemeen · A2
helemaal juist bijvoeglijk naamwoord
exact; precise; exactly
Hij kwam precies om tien uur thuis.Hij kwam precies om tien uur thuis.Familie en sociaal leven · A2
een naam geven; zeggen werkwoord
to call; to name; to mention
Ik noem mijn moeder nog steeds mama.Ik noem mijn moeder nog steeds mama.Gezondheid en dokter · A2
voorkant van je hoofd zelfstandig naamwoord
face; sight
Was je gezicht met koud water.Was je gezicht met koud water.Algemeen · A2
niet goed bijvoeglijk naamwoord
bad; poor
Het is hier nog niet zo slecht.Het is hier nog niet zo slecht.Tijd, data en getallen · A2
de tijd dat het donker is zelfstandig naamwoord
night
Ik heb vannacht slecht geslapen.Ik heb vannacht slecht geslapen.Algemeen · A2
denken dat iets waar is werkwoord
to believe
Ik ben geneigd om je te geloven.Ik ben geneigd om je te geloven.Algemeen · A2
op hetzelfde moment dat voegwoord
while; whereas
Ik viel in slaap terwijl ik tv-keek.Ik viel in slaap terwijl ik tv-keek.Algemeen · A2
neerzetten; vragen werkwoord
to put; to ask (a question); to set
Mag ik u een vraag stellen?Mag ik u een vraag stellen?Algemeen · A2
het kan bijvoeglijk naamwoord
possible
Is het mogelijk om dat te doen?Is het mogelijk om dat te doen?Wonen · A2
ver boven de grond bijvoeglijk naamwoord
high; tall
Mijn gasrekening vorige maand was erg hoog.Mijn gasrekening vorige maand was erg hoog.Algemeen · A2
hard tegen iets aan komen werkwoord
to hit; to beat; to strike
De klok sloeg twaalf uur.De klok sloeg twaalf uur.Algemeen · A2
hoe je iets doet zelfstandig naamwoord
way; manner
Dit is de beste manier om Nederlands te leren.Dit is de beste manier om Nederlands te leren.Tik op de luidspreker om een woord te horen. De meeste woorden hebben een neurale tekst-naar-spraakopname; andere gebruiken je browserstem. Betekenissen en voorbeelden zijn AI-ondersteund en nog niet door een docent gecontroleerd. Dit is een geselecteerde woordenbibliotheek, geen garantie op alle examenwoorden. Bewaar nuttige woorden en herhaal ze regelmatig.