Naar inhoud

VoorbereidenWoordenschat

Woordenschat

Examenwoorden

Leer het in context. Hoor het. Maak het van jou.

815 woorden
NederlandInburgering B1 · route 2021Dagelijkse routine + officiële bronnen · voorbeeldvragen

Kies een dagelijkse situatie

Woorden gegroepeerd per situatie die je in het examen tegenkomt.

Alle woorden

815 woorden

Niveau

Samenleving en KNM · B1

de ministers die een land besturen zelfstandig naamwoord

government

We hebben geen vertrouwen in de regering.We hebben geen vertrouwen in de regering.

Werk en inkomen · B1

van of voor één persoon; zelf bijvoeglijk naamwoord

personal; in person

Ik wil de directeur persoonlijk spreken.Ik wil de directeur persoonlijk spreken.

Werk en inkomen · B1

spullen die je koopt of verkoopt zelfstandig naamwoord

goods; property

De goederen worden morgen geleverd.De goederen worden morgen geleverd.

Werk en inkomen · B1

werk dat je voor iemand doet zelfstandig naamwoord

service; department; shift

Waarmee kan ik u van dienst zijn?Waarmee kan ik u van dienst zijn?

Algemeen · B1

maar, toch bijwoord

however; though

Ik spreek echter niet zo goed Engels.Ik spreek echter niet zo goed Engels.

Algemeen · B1

laten zien werkwoord

to show

Ik zal u mijn nieuwe auto tonen.Ik zal u mijn nieuwe auto tonen.

Algemeen · B1

maar, alleen bijwoord

only; merely

Ik was slechts drie dagen in Boston.Ik was slechts drie dagen in Boston.

Samenleving en KNM · B1

lid van de regering zelfstandig naamwoord

minister

Is de minister van buitenlandse zaken al aangekomen?Is de minister van buitenlandse zaken al aangekomen?

Algemeen · B1

hoe iets op een moment is zelfstandig naamwoord

situation

Ik ben niet blij met deze situatie.Ik ben niet blij met deze situatie.

Algemeen · B1

wat iets verandert aan iets anders zelfstandig naamwoord

influence

Heeft het weer invloed op je humeur?Heeft het weer invloed op je humeur?

Algemeen · B1

hoe belangrijk iets is zelfstandig naamwoord

importance; interest

Het belang van de muziek wordt onderschat.Het belang van de muziek wordt onderschat.

Algemeen · B1

wat er gebeurt door iets anders zelfstandig naamwoord

consequence; result

De overstroming had gevolgen voor veel mensen.De overstroming had gevolgen voor veel mensen.

Algemeen · B1

alleen; één bijwoord

only; single

Ik heb daar geen enkel probleem mee.Ik heb daar geen enkel probleem mee.

Algemeen · B1

iets wat echt waar is zelfstandig naamwoord

fact

Ik ben me bewust van de feiten.Ik ben me bewust van de feiten.

School en studie · B1

hoe iemand zich gedraagt zelfstandig naamwoord

behaviour

Zijn gedrag in de klas is niet goed.Zijn gedrag in de klas is niet goed.

Winkelen · B1

iets doen; aanbieding in een winkel zelfstandig naamwoord

action; special offer

Deze week is er een actie: twee halen, één betalen.Deze week is er een actie: twee halen, één betalen.

Samenleving en KNM · B1

kranten, tv, radio en internet zelfstandig naamwoord

media

Ik vertrouw de media niet.Ik vertrouw de media niet.

Algemeen · B1

gesprek waarin je van mening verschilt zelfstandig naamwoord

discussion; argument

Tom deed niet mee in die discussie.Tom deed niet mee in die discussie.

Familie en sociaal leven · B1

moeder zelfstandig naamwoord

mum; mommy

Ik heb mama in de keuken geholpen.Ik heb mama in de keuken geholpen.

Samenleving en KNM · B1

alle mensen in een land samen zelfstandig naamwoord

society

Wij leven in een democratische samenleving.Wij leven in een democratische samenleving.

Instanties en diensten · B1

moeten; werken voor werkwoord

to have to; to serve

U dient het formulier voor 1 mei in te leveren.U dient het formulier voor 1 mei in te leveren.

School en studie · B1

het begin waarop je verder bouwt zelfstandig naamwoord

basis; base

Een goede basis is belangrijk om een taal te leren.Een goede basis is belangrijk om een taal te leren.

Algemeen · B1

uitleggen; officieel zeggen werkwoord

to explain; to declare

Dit fenomeen is erg makkelijk te verklaren.Dit fenomeen is erg makkelijk te verklaren.

Samenleving en KNM · B1

met politiek te maken bijvoeglijk naamwoord

political

Ze is politiek actief in haar gemeente.Ze is politiek actief in haar gemeente.

Algemeen · B1

het nakijken; macht over iets zelfstandig naamwoord

check; control

Ik heb er geen controle over.Ik heb er geen controle over.

Winkelen · B1

iets dat een product aanprijst zelfstandig naamwoord

advertisement; advertising

Heb je de nieuwe reclame gezien?Heb je de nieuwe reclame gezien?

Algemeen · B1

de een en de ander voegwoord

both (... and)

Zowel Tom als Maria waren te laat.Zowel Tom als Maria waren te laat.

Vrije tijd en cultuur · B1

de naam van een boek of film zelfstandig naamwoord

title

Wat is de titel van het boek?Wat is de titel van het boek?

Algemeen · B1

iets dat kan gebeuren zelfstandig naamwoord

possibility; option

Er is ook nog een andere mogelijkheid.Er is ook nog een andere mogelijkheid.

Vrije tijd en cultuur · B1

een tekst in de krant zelfstandig naamwoord

article; item

Ik heb een interessant artikel in de krant gelezen.Ik heb een interessant artikel in de krant gelezen.

Weer en natuur · B1

een groot water midden in het land zelfstandig naamwoord

lake

In de zomer zwemmen we in het meer.In de zomer zwemmen we in het meer.

Algemeen · B1

bijna niet bijwoord

hardly; barely

Ik kon nauwelijks zien wie wie was.Ik kon nauwelijks zien wie wie was.

Samenleving en KNM · B1

mensen pijn doen met kracht zelfstandig naamwoord

violence

Geweld op school is een groot probleem.Geweld op school is een groot probleem.

Werk en inkomen · B1

werk dat je moet doen zelfstandig naamwoord

task; duty

Het is mijn taak om Tom te helpen.Het is mijn taak om Tom te helpen.

Gezondheid en dokter · B1

tabak in papier om te roken zelfstandig naamwoord

cigarette

Tom rookt een sigaret op het balkon.Tom rookt een sigaret op het balkon.

Familie en sociaal leven · B1

je vriend(in) of man/vrouw; zakenpartner zelfstandig naamwoord

partner

Mijn partner werkt ook in Utrecht.Mijn partner werkt ook in Utrecht.

Werk en inkomen · B1

het kopen en verkopen van goederen zelfstandig naamwoord

trade; commerce

Nederland verdient veel geld met de handel.Nederland verdient veel geld met de handel.

Instanties en diensten · B1

informatie zelfstandig naamwoord

fact; data (pl.)

Vul uw persoonlijke gegevens in op het formulier.Vul uw persoonlijke gegevens in op het formulier.

Algemeen · B1

minder maken, een grens stellen werkwoord

to limit; to restrict

We moeten de kosten tot een minimum beperken.We moeten de kosten tot een minimum beperken.

Algemeen · B1

een antwoord op iets zelfstandig naamwoord

reaction; response

Tom kreeg best wel veel positieve reacties.Tom kreeg best wel veel positieve reacties.

Weer en natuur · B1

de natuur om ons heen zelfstandig naamwoord

environment; milieu

Sommige fabrieken vervuilen het milieu.Sommige fabrieken vervuilen het milieu.

Algemeen · B1

relatie tussen dingen; een doek om een wond zelfstandig naamwoord

connection; context; bandage

Het citaat werd uit zijn verband gerukt.Het citaat werd uit zijn verband gerukt.

Werk en inkomen · B1

een groep die samenwerkt zelfstandig naamwoord

team

Tom wordt misschien lid van ons team.Tom wordt misschien lid van ons team.

Samenleving en KNM · B1

een geheel van regels of delen zelfstandig naamwoord

system

Het huidige systeem moet veranderd worden.Het huidige systeem moet veranderd worden.

School en studie · B1

beter maken werkwoord

to improve; to correct

Ik zou mijn Engelse uitspraak willen verbeteren.Ik zou mijn Engelse uitspraak willen verbeteren.

Algemeen · B1

helemaal; alles bij elkaar bijvoeglijk naamwoord

total; totally

Zij interesseerde zich totaal niet voor jongens.Zij interesseerde zich totaal niet voor jongens.

Algemeen · B1

wat er gebeurt door iets zelfstandig naamwoord

effect

Het medicament had een onmiddellijk effect.Het medicament had een onmiddellijk effect.

Werk en inkomen · B1

er is, je kunt het gebruiken bijvoeglijk naamwoord

available

Zal de ruimte beschikbaar zijn voor vergaderingen?Zal de ruimte beschikbaar zijn voor vergaderingen?

Tik op de luidspreker om een woord te horen. De meeste woorden hebben een neurale tekst-naar-spraakopname; andere gebruiken je browserstem. Betekenissen en voorbeelden zijn AI-ondersteund en nog niet door een docent gecontroleerd. Dit is een geselecteerde woordenbibliotheek, geen garantie op alle examenwoorden. Bewaar nuttige woorden en herhaal ze regelmatig.