Gezondheid en dokter · A1
je ziet met dit deel van je hoofd zelfstandig naamwoord
eye
Ze heeft blauwe ogen.Ze heeft blauwe ogen.VoorbereidenWoordenschat
Woordenschat
Leer het in context. Hoor het. Maak het van jou.
188 woordenWoorden gegroepeerd per situatie die je in het examen tegenkomt.
Thema:
188 woorden
Gezondheid en dokter · A1
je ziet met dit deel van je hoofd zelfstandig naamwoord
eye
Ze heeft blauwe ogen.Ze heeft blauwe ogen.Gezondheid en dokter · A1
telefoneren werkwoord
to call; to ring
Ik bel de huisarts voor een afspraak.Ik bel de huisarts voor een afspraak.Gezondheid en dokter · A1
iemand die zieken beter maakt zelfstandig naamwoord
doctor
Ik moet naar de dokter.Ik moet naar de dokter.Gezondheid en dokter · A1
niet gezond bijvoeglijk naamwoord
ill; sick
Ik denk dat ik echt ziek ben.Ik denk dat ik echt ziek ben.Gezondheid en dokter · A1
zonder energie bijvoeglijk naamwoord
tired
Ik ben te moe om te lopen.Ik ben te moe om te lopen.Gezondheid en dokter · A1
het onderste deel van je been zelfstandig naamwoord
foot
Wat is er met je voet gebeurd?Wat is er met je voet gebeurd?Gezondheid en dokter · A1
gebouw waar zieke mensen behandeld worden zelfstandig naamwoord
hospital
Tom is nog steeds in het ziekenhuis.Tom is nog steeds in het ziekenhuis.Gezondheid en dokter · A1
niet ziek; goed voor je bijvoeglijk naamwoord
healthy
Hij ziet er niet zo gezond uit.Hij ziet er niet zo gezond uit.Gezondheid en dokter · A1
vaste tijd om iemand te zien zelfstandig naamwoord
appointment; agreement
Ik wil graag een afspraak maken bij de huisarts.Ik wil graag een afspraak maken bij de huisarts.Gezondheid en dokter · A2
deel van je arm met vingers zelfstandig naamwoord
hand
Was je handen voor het eten.Was je handen voor het eten.Gezondheid en dokter · A2
bovenste deel van je lichaam zelfstandig naamwoord
head
Ik heb pijn in mijn hoofd.Ik heb pijn in mijn hoofd.Gezondheid en dokter · A2
merken met je lichaam of hart werkwoord
to feel
Ik voel me vandaag niet zo goed.Ik voel me vandaag niet zo goed.Gezondheid en dokter · A2
het einde van het leven zelfstandig naamwoord
death
Ik heb geen angst voor de dood.Ik heb geen angst voor de dood.Gezondheid en dokter · A2
voorkant van je hoofd zelfstandig naamwoord
face; sight
Was je gezicht met koud water.Was je gezicht met koud water.Gezondheid en dokter · A2
lichaamsdeel tussen schouder en hand zelfstandig naamwoord
arm
Ik heb pijn in mijn arm.Ik heb pijn in mijn arm.Gezondheid en dokter · A2
goed kijken naar iets om het te weten zelfstandig naamwoord
research; investigation; examination
De dokter doet een onderzoek naar mijn bloed.De dokter doet een onderzoek naar mijn bloed.Gezondheid en dokter · A2
doodgaan werkwoord
to die
Een mens kan slechts één keer sterven.Een mens kan slechts één keer sterven.Gezondheid en dokter · A2
orgaan dat bloed pompt zelfstandig naamwoord
heart
Hij heeft een hart van goud.Hij heeft een hart van goud.Gezondheid en dokter · A2
je hele lijf zelfstandig naamwoord
body
Mijn natte kleren plakten tegen mijn lichaam.Mijn natte kleren plakten tegen mijn lichaam.Gezondheid en dokter · A2
waarmee je eet en praat zelfstandig naamwoord
mouth
Doe je mond maar open.Doe je mond maar open.Gezondheid en dokter · A2
rode vloeistof in je lichaam zelfstandig naamwoord
blood
De huisarts wil wat bloed laten prikken.De huisarts wil wat bloed laten prikken.Gezondheid en dokter · A2
wat je voelt als je gewond of ziek bent zelfstandig naamwoord
pain; ache
Ik heb pijn in mijn rug.Ik heb pijn in mijn rug.Gezondheid en dokter · A2
snel heen en weer bewegen werkwoord
to shake
Schud de fles voor gebruik.Schud de fles voor gebruik.Gezondheid en dokter · A2
het gebruiken van iets zelfstandig naamwoord
use; custom
Lees de bijsluiter voor gebruik.Lees de bijsluiter voor gebruik.Gezondheid en dokter · A2
angst; hulp aan iemand zelfstandig naamwoord
worry; care
Maak u maar geen zorgen over mij.Maak u maar geen zorgen over mij.Gezondheid en dokter · A2
niet stil blijven werkwoord
to move; to exercise
Ik kan mijn been niet bewegen.Ik kan mijn been niet bewegen.Gezondheid en dokter · A2
je denken; spook zelfstandig naamwoord
mind; spirit; ghost
Sport is goed voor lichaam en geest.Sport is goed voor lichaam en geest.Gezondheid en dokter · A2
stilte; pauze zelfstandig naamwoord
rest; quiet; peace
Je hebt veel rust nodig, zegt de dokter.Je hebt veel rust nodig, zegt de dokter.Gezondheid en dokter · A2
lichaamsdeel waarop je loopt zelfstandig naamwoord
leg; bone
Ik heb pijn in mijn been.Ik heb pijn in mijn been.Gezondheid en dokter · A2
het slapen zelfstandig naamwoord
sleep
Tom viel in slaap op zijn werk.Tom viel in slaap op zijn werk.Gezondheid en dokter · A2
deel tussen je nek en je arm zelfstandig naamwoord
shoulder
Ik voelde een hand op mijn schouder.Ik voelde een hand op mijn schouder.Gezondheid en dokter · A2
het ziek zijn zelfstandig naamwoord
illness; disease
Heb je ooit een ernstige ziekte gehad?Heb je ooit een ernstige ziekte gehad?Gezondheid en dokter · A2
achterkant van je lichaam zelfstandig naamwoord
back
Hij draagt een tas op zijn rug.Hij draagt een tas op zijn rug.Gezondheid en dokter · A2
iets kapot maken of kapot gaan werkwoord
to break
Ik heb mijn arm gebroken.Ik heb mijn arm gebroken.Gezondheid en dokter · A2
waarmee je hoort zelfstandig naamwoord
ear
Tom stak zijn potlood achter zijn oor.Tom stak zijn potlood achter zijn oor.Gezondheid en dokter · A2
deel tussen hoofd en lichaam zelfstandig naamwoord
neck
Ik werd met een stijve nek wakker.Ik werd met een stijve nek wakker.Gezondheid en dokter · A2
zijkant van je gezicht zelfstandig naamwoord
cheek
Ze gaf me een kus op de wang.Ze gaf me een kus op de wang.Gezondheid en dokter · A2
waarmee je ruikt zelfstandig naamwoord
nose
Mijn neus loopt, ik ben verkouden.Mijn neus loopt, ik ben verkouden.Gezondheid en dokter · A2
deel van je hand zelfstandig naamwoord
finger
Ik heb een doorn in mijn vinger.Ik heb een doorn in mijn vinger.Gezondheid en dokter · A2
gevoel dat je bang bent zelfstandig naamwoord
fear; anxiety
Zij heeft angst voor honden.Zij heeft angst voor honden.Gezondheid en dokter · A2
erg, gevaarlijk; niet grappig bijvoeglijk naamwoord
serious; severe
Denk je dat de situatie ernstig is?Denk je dat de situatie ernstig is?Gezondheid en dokter · A2
voorkant van je bovenlichaam zelfstandig naamwoord
chest; breast
Ik heb pijn op mijn borst.Ik heb pijn op mijn borst.Gezondheid en dokter · A2
een sigaret gebruiken werkwoord
to smoke
Tom ging naar buiten om te roken.Tom ging naar buiten om te roken.Gezondheid en dokter · A2
iets zwaars; problemen zelfstandig naamwoord
burden; trouble
Ik heb last van mijn rug.Ik heb last van mijn rug.Gezondheid en dokter · A2
rand van je mond zelfstandig naamwoord
lip
Ik beet op mijn lip.Ik beet op mijn lip.Gezondheid en dokter · A1
het gewricht midden in je been zelfstandig naamwoord
knee
Ik heb pijn aan mijn knie na het voetballen.Ik heb pijn aan mijn knie na het voetballen.Gezondheid en dokter · A1
kapot gaan door vuur werkwoord
to burn
Toms gezicht was verbrand door de zon.Toms gezicht was verbrand door de zon.Gezondheid en dokter · A1
dokter bij jou in de buurt zelfstandig naamwoord
GP; family doctor
Je kunt beter onmiddellijk naar je huisarts gaan.Je kunt beter onmiddellijk naar je huisarts gaan.Tik op de luidspreker om een woord te horen. De meeste woorden hebben een neurale tekst-naar-spraakopname; andere gebruiken je browserstem. Betekenissen en voorbeelden zijn AI-ondersteund en nog niet door een docent gecontroleerd. Dit is een geselecteerde woordenbibliotheek, geen garantie op alle examenwoorden. Bewaar nuttige woorden en herhaal ze regelmatig.