- Vormen
- woonde in / woonden in / heeft ingewoond
Bekijk het in context
Ze woont nog bij haar ouders in.
She still lives with her parents.
Ze woont nog bij haar ouders in.
VoorbereidenWoordenschatinwonen
Wonen · A1
to live in (with someone) werkwoord
bij iemand in huis wonen
Ze woont nog bij haar ouders in.
She still lives with her parents.
Ze woont nog bij haar ouders in.
Uitspraak is een neurale tekst-naar-spraakopname (Nederlandse stem), geen menselijke opname. Betekenissen en voorbeelden zijn AI-ondersteund en nog niet door een docent gecontroleerd.
Level data: NT2Lex (UCLouvain), CC BY-NC-SA 4.0. Definitions and translations: EUpassway (AI-assisted). Example sentence: EUpassway original.