- Meervoud
- karren
Bekijk het in context
De boer trok een kar vol groente naar de markt.
The farmer pulled a cart full of vegetables to the market.
De boer trok een kar vol groente naar de markt.
Winkelen · A2
cart de · zelfstandig naamwoord
wagen met wielen die je trekt
De boer trok een kar vol groente naar de markt.
The farmer pulled a cart full of vegetables to the market.
De boer trok een kar vol groente naar de markt.
Uitspraak is een neurale tekst-naar-spraakopname (Nederlandse stem), geen menselijke opname. Betekenissen en voorbeelden zijn AI-ondersteund en nog niet door een docent gecontroleerd.
Level data: NT2Lex (UCLouvain), CC BY-NC-SA 4.0. Definitions and translations: EUpassway (AI-assisted). Example sentence: EUpassway original.