Einbürgerungstest: alle 300 algemene vragen met antwoorden (officiële catalogus 2025)
De 300 algemene vragen uit de officiële BAMF-catalogus voor de Einbürgerungstest en de toets Leben in Deutschland, letterlijk, met het juiste antwoord en uitleg. Plus de 10 vragen per deelstaat en een gratis testsimulatie.
5 minuten · gratis · zonder account
Oefen nu 10 officiële vragen
Uit de officiële BAMF-catalogus. Na elke vraag zie je het officiële antwoord.
Volledige Einbürgerungstest-simulatie
Elke keer een nieuwe willekeurige toets: 33 vragen, 60 minuten, beoordeeld zoals het echte examen. Geslaagd vanaf 17 goed. Gratis, zonder account.
Je voortgang
0 van 300 geoefend · 0 goed · 0 te herhalen
Quelle: BAMF, Gesamtfragenkatalog, Stand 07.05.2025 · Vragen en antwoorden letterlijk zoals gepubliceerd. De uitleg is geschreven door EUpassway en niet officieel; de toets zelf is alleen in het Duits.
Artikel 5 van de Grundgesetz (Basiswet, de Duitse grondwet) beschermt de vrijheid van meningsuiting (Meinungsfreiheit). Daarom mag je de regering openlijk bekritiseren; godsdienstvrijheid of kiesrecht zijn andere rechten.
Tot het kind 14 jaar is, beslissen de ouders of het godsdienstles (Religionsunterricht) volgt (artikel 7 van de Grundgesetz, de grondwet). Vanaf 14 jaar beslist het kind zelf.
A Alle Einwohnerinnen/Einwohner und der Staat müssen sich an die Gesetze halten.✓ juist
B Der Staat muss sich nicht an die Gesetze halten.
C Nur Deutsche müssen die Gesetze befolgen.
D Die Gerichte machen die Gesetze.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In een Rechtsstaat (rechtsstaat) gelden de wetten voor iedereen: voor alle inwoners en ook voor de staat zelf. Wetten worden door het parlement gemaakt, niet door de rechtbanken.
Vrijheid van meningsuiting (Meinungsfreiheit) is een grondrecht volgens artikel 5 van de Grundgesetz (grondwet). Eigenrichting (Faustrecht, Selbstjustiz) is verboden, en wapenbezit is geen grondrecht maar streng geregeld.
A Man darf Geld annehmen, wenn man dafür eine bestimmte Kandidatin/einen bestimmten Kandidaten wählt.
B Nur Personen, die noch nie im Gefängnis waren, dürfen wählen.
C Die Wählerin/der Wähler darf bei der Wahl weder beeinflusst noch zu einer bestimmten Stimmabgabe gezwungen werden und keine Nachteile durch die Wahl haben.✓ juist
D Alle wahlberechtigten Personen müssen wählen.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Vrije verkiezingen betekenen: niemand mag je onder druk zetten, omkopen of benadelen vanwege je stem (artikel 38 van de Grundgesetz, de grondwet). In Duitsland bestaat geen stemplicht.
Artikel 4 van de Grundgesetz (grondwet) garandeert vrijheid van geloof en geweten (Glaubens- und Gewissensfreiheit). Een afdwingbaar recht op werk, woning of ontspanning staat niet in de Grundgesetz.
De Grundgesetz (grondwet) garandeert menselijke waardigheid (art. 1), gelijkheid voor de wet (art. 3) en vrijheid van meningsuiting (art. 5). Dat iedereen evenveel geld heeft, staat er niet in.
Het asielrecht (artikel 16a van de Grundgesetz, de grondwet) beschermt mensen die in andere landen politiek vervolgd worden, dus alleen buitenlanders. Menselijke waardigheid, bescherming van het gezin en meningsvrijheid gelden voor iedereen.
Een geldboete (Geldstrafe) is een normale, toegestane straf. De doodstraf is afgeschaft (artikel 102 van de Grundgesetz, de grondwet), en foltering en lijfstraffen schenden de menselijke waardigheid (art. 1).
De grondwet van de Bondsrepubliek heet Grundgesetz (Basiswet). Die naam werd in 1949 gekozen, omdat ze eerst als tijdelijke oplossing tot de Duitse eenheid werd gezien.
A Ja, wenn mehr als die Hälfte der Abgeordneten im Bundestag dafür sind.
B Ja, aber dazu müssen zwei Drittel der Abgeordneten im Bundestag dafür sein.
C Nein, denn die Pressefreiheit ist ein Grundrecht. Sie kann nicht abgeschafft werden.✓ juist
D Nein, denn nur der Bundesrat kann die Pressefreiheit abschaffen.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Persvrijheid is een grondrecht (artikel 5 van de Grundgesetz, de grondwet). Volgens artikel 19 mag de kern van een grondrecht niet worden aangetast, ook niet door een meerderheid in de Bundestag (het federale parlement).
C alle Parteien, die bei der letzten Wahl die 5%-Hürde erreichen konnten.
D alle Abgeordneten, die nicht zu der Regierungspartei/den Regierungsparteien gehören.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De oppositie (Opposition) bestaat uit alle parlementsleden van wie de partijen niet in de regering zitten. Zij bekritiseren en controleren de regering; de grootste fractie regeert meestal zelf.
C Nazi-, Hamas- oder Islamischer Staat-Symbole öffentlich tragen darf.
D meine Meinung nur dann äußern darf, solange ich der Regierung nicht widerspreche.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Vrijheid van meningsuiting (artikel 5 van de Grundgesetz, de grondwet) betekent dat je je mening vrij mag zeggen en schrijven, ook op internet en ook tegen de regering. Beledigingen en verboden nazi- of terreursymbolen zijn wel strafbaar.
Artikel 12 van de Grundgesetz (grondwet) verbiedt dwangarbeid (Zwangsarbeit), behalve bij een door de rechter opgelegde vrijheidsstraf. Vrije beroepskeuze is juist een grondrecht, en militaire dienst is toegestaan.
A bei der öffentlichen Verbreitung falscher Behauptungen über einzelne Personen✓ juist
B bei Meinungsäußerungen über die Bundesregierung
C bei Diskussionen über Religionen
D bei Kritik am Staat
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De vrijheid van meningsuiting heeft grenzen, bijvoorbeeld als je publiekelijk onware beweringen over een persoon verspreidt (smaad en laster, üble Nachrede/Verleumdung). Kritiek op regering, staat of religies is wel toegestaan.
A Meinungsfreiheit der Einwohnerinnen und Einwohner.
B Petitionen der Bürgerinnen und Bürger.
C Versammlungsfreiheit der Einwohnerinnen und Einwohner.
D Ungleichbehandlung der Bürgerinnen und Bürger durch den Staat.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Artikel 3 van de Grundgesetz (grondwet) zegt: iedereen is gelijk voor de wet; de staat mag niemand benadelen vanwege geslacht, afkomst, religie of handicap. Meningsvrijheid, vrijheid van vergadering en petities zijn juist grondrechten.
Artikel 1 begint met de zin: de waardigheid van de mens is onaantastbaar (Die Würde des Menschen ist unantastbar). Het recht op leven staat in artikel 2, godsdienstvrijheid in artikel 4 en meningsvrijheid in artikel 5.
A Man darf sich seinen Wohnort selbst aussuchen.✓ juist
B Man kann seinen Beruf wechseln.
C Man darf sich für eine andere Religion entscheiden.
D Man darf sich in der Öffentlichkeit nur leicht bekleidet bewegen.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Freizügigkeit (vrijheid van verkeer en vestiging, artikel 11 van de Grundgesetz) betekent dat je overal in Duitsland mag verblijven en vrij je woonplaats mag kiezen. Van beroep of religie wisselen valt onder andere grondrechten.
Een partij die de democratie wil afschaffen en een dictatuur wil vestigen, is ongrondwettig (verfassungswidrig, artikel 21 van de Grundgesetz). Alleen het Bundesverfassungsgericht (Federaal Constitutioneel Hof) kan haar verbieden.
Het juiste antwoord is afbeelding 1: de zwarte federale adelaar (Bundesadler) met rode klauwen en snavel op een gouden schild. Dat is het rijkswapen (Bundeswappen); de andere afbeeldingen tonen een christelijk symbool, het IJzeren Kruis van de Bundeswehr (krijgsmacht) en het wapen van de voormalige DDR.
Duitsland is een republiek: het staatshoofd is een gekozen Bundespräsident (bondspresident), geen koning (artikel 20 van de Grundgesetz, de grondwet). De monarchie eindigde in Duitsland in 1918.
D bei einer Firma oder Behörde beschäftigt.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De grote meerderheid van de werkenden in Duitsland is in loondienst bij een bedrijf of een overheidsinstantie. Slechts ongeveer één op de tien is zelfstandig.
Elsass-Lothringen (Elzas-Lotharingen) is een regio in Frankrijk en geen Duitse deelstaat (Bundesland). Het hoorde alleen van 1871 tot 1918 bij het Duitse Keizerrijk.
B ein demokratischer und sozialer Bundesstaat.✓ juist
C eine kapitalistische und soziale Monarchie.
D ein sozialer und sozialistischer Bundesstaat.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Artikel 20 van de Grundgesetz (grondwet) zegt: Duitsland is een democratische en sociale bondsstaat (Bundesstaat). Het is niet communistisch of socialistisch en ook geen monarchie.
Duitsland is een bondsstaat (Bundesstaat): de macht is verdeeld tussen de federale overheid (Bund) en de 16 deelstaten (federalisme). Het is geen dictatuur, monarchie of socialistische staat.
De leden van de Bundestag (federaal parlement) worden gekozen door het volk, dus door alle stemgerechtigde burgers (artikel 38 van de Grundgesetz). Bij de Bundestagsverkiezing mag je stemmen vanaf 18 jaar met de Duitse nationaliteit.
Het wapendier van de Bondsrepubliek is de adelaar, de zogenoemde Bundesadler (federale adelaar). Je ziet hem bijvoorbeeld in de plenaire zaal van de Bundestag en op Duitse euromunten.
Perscensuur is geen kenmerk van democratie: artikel 5 van de Grundgesetz (grondwet) zegt uitdrukkelijk dat er geen censuur plaatsvindt. Regelmatige verkiezingen, meningsvrijheid en meerdere partijen horen wel bij democratie.
Als geen partij alleen een meerderheid heeft, werken meerdere partijen samen in een Koalition (coalitie) en vormen de regering. Een Fraktion (fractie) is daarentegen de groep parlementsleden van één partij.
De drie staatsmachten zijn wetgeving (parlement), regering/bestuur en rechtspraak (rechtbanken). De pers is vrij en onafhankelijk van de staat; ze wordt soms de vierde macht genoemd, maar is geen staatsmacht.
A sind Staat und Religionsgemeinschaften voneinander getrennt.✓ juist
B bilden die Religionsgemeinschaften den Staat.
C ist der Staat abhängig von den Religionsgemeinschaften.
D bilden Staat und Religionsgemeinschaften eine Einheit.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Duitsland heeft geen staatskerk; staat en geloofsgemeenschappen zijn gescheiden (artikel 140 van de Grundgesetz, de grondwet). De staat is religieus neutraal, maar werkt op sommige terreinen met hen samen, zoals bij godsdienstles op school.
Duitsland is geen monarchie, maar een republiek met een gekozen Bundespräsident (bondspresident). Democratie, rechtsstaat en sociale staat zijn basisprincipes volgens artikel 20 van de Grundgesetz (grondwet).
De sociale verzekeringen worden vooral gefinancierd met sociale premies (Sozialabgaben): werknemers en werkgevers betalen premies over het loon, aangevuld met belastinggeld. Kerkbelasting, giften en contributies hebben er niets mee te maken.
De ziektekostenverzekering (Krankenversicherung) is een van de vijf pijlers van de sociale verzekering en beschermt tegen de kosten van ziekte. Auto-, opstal- en aansprakelijkheidsverzekeringen zijn particuliere verzekeringen.
In 13 van de 16 Bundesländer (deelstaten) heet de regeringsleider Ministerpräsident (minister-president). In de stadstaten Berlijn, Hamburg en Bremen heet het ambt Bürgermeister (burgemeester), bijv. Regierender Bürgermeister in Berlijn.
Artikel 20 van de Grundgesetz (grondwet) noemt Duitsland een democratische en sociale Bundesstaat (bondsstaat). Dat betekent: de deelstaten vormen samen één staat, geen losse statenbond (Staatenbund) en geen centrale eenheidsstaat.
A eine eigene Außenministerin/einen eigenen Außenminister
B eine eigene Währung
C eine eigene Armee
D eine eigene Regierung✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Elke deelstaat (Bundesland) heeft een eigen regering, een eigen parlement (Landtag) en een eigen grondwet. Buitenlands beleid, leger en munt zijn zaken van de federale overheid of de EU.
Het volkslied is het derde couplet van het Lied der Deutschen van Hoffmann von Fallersleben (1841), op muziek van Joseph Haydn. Het begint met Einigkeit und Recht und Freiheit (Eenheid en recht en vrijheid). Freude schöner Götterfunken is het Europese volkslied, Deutschland einig Vaterland komt uit het DDR-volkslied.
A weil dadurch die unterschiedlichen Meinungen der Bürgerinnen und Bürger vertreten werden✓ juist
B damit Bestechung in der Politik begrenzt wird
C um politische Demonstrationen zu verhindern
D um wirtschaftlichen Wettbewerb anzuregen
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In een democratie hebben mensen verschillende meningen en belangen. Meerdere partijen zorgen ervoor dat die meningen in het parlement vertegenwoordigd zijn en kiezers echt iets te kiezen hebben.
Nieuwe federale wetten worden aangenomen door het parlement, de Bundestag; de Bundesrat (vertegenwoordiging van de deelstaten) werkt daaraan mee. De regering kan wetten alleen voorstellen, rechtbanken passen ze toe en de politie handhaaft ze.
Een partij kan worden verboden als ze actief strijdt tegen de vrije democratische basisorde (artikel 21 van de Grundgesetz, de grondwet). Alleen het Bundesverfassungsgericht (Federaal Constitutioneel Hof) beslist daarover; kritiek of nieuwe ideeën zijn toegestaan.
B Die Bundespräsidentin/den Bundespräsidenten✓ juist
C Landtagsabgeordnete
D Bundestagsabgeordnete
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De Bundespräsident (bondspresident) wordt niet door het volk gekozen, maar door de Bundesversammlung (Bondsvergadering), volgens artikel 54 van de Grundgesetz. Leden van de Bundestag, de deelstaatparlementen en het Europees Parlement worden wel rechtstreeks gekozen.
De verzekering voor langdurige zorg (Pflegeversicherung) bestaat sinds 1995. Samen met ziektekosten-, pensioen-, werkloosheids- en ongevallenverzekering is ze een van de vijf pijlers van de wettelijke sociale verzekering (Sozialversicherung).
C Er versorgt alle Einwohnerinnen und Einwohner kostenlos mit Zeitungen.
D Er produziert Autos und Busse.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De staat zorgt voor publieke voorzieningen zoals wegen en scholen en betaalt die met belastinggeld. Voedsel, kleding, auto's en kranten worden door particuliere bedrijven gemaakt en verkocht.
Grondwettelijke organen (Verfassungsorgane) zijn de hoogste organen uit de Grundgesetz (grondwet): Bundestag, Bundesrat, Bundespräsident, de bondsregering, het Federaal Constitutioneel Hof en de Bundesversammlung. Een Bürgerversammlung (burgervergadering) is een lokale bijeenkomst en geen grondwettelijk orgaan.
In Duitsland zijn school en onderwijs een zaak van de deelstaten (Bundesländer), de zogenoemde Kulturhoheit der Länder. Daarom heeft elke deelstaat eigen schoolwetten en leerplannen.
Duitsland heeft een sociale markteconomie (soziale Marktwirtschaft): de markt regelt aanbod en prijzen, maar de staat zorgt voor sociale bescherming. Ze werd na 1948 vooral door Ludwig Erhard ingevoerd; de DDR had een planeconomie.
A Menschen sich kritisch über die Regierung äußern können.
B Bürger friedlich demonstrieren gehen dürfen.
C Menschen von einer Privatpolizei ohne Grund verhaftet werden.✓ juist
D jemand ein Verbrechen begeht und deshalb verhaftet wird.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In een rechtsstaat mag alleen de politie van de staat mensen arresteren, en alleen met een wettelijke reden; over langere vrijheidsberoving beslist een rechter (artikel 104 van de Grundgesetz). Een privépolitie die zonder reden arresteert, past daar niet bij.
Artikel 20 van de Grundgesetz (grondwet) zegt: alle staatsmacht gaat uit van het volk (Alle Staatsgewalt geht vom Volke aus). Het volk oefent die macht vooral uit via verkiezingen.
C Die Bürgerinnen und Bürger entscheiden über Gesetze.
D Der Staat muss die Gesetze einhalten.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Rechtsstaat betekent: ook de staat is gebonden aan recht en wet (artikel 20 van de Grundgesetz, de grondwet), en zijn besluiten kunnen door onafhankelijke rechters worden getoetst. De staat heeft dus niet automatisch gelijk.
De drie machten zijn de Legislative (wetgevende macht), de Exekutive (uitvoerende macht) en de Judikative (rechterlijke macht). Een staatsmacht met de naam Direktive bestaat niet.
Het Ordnungsamt (bureau openbare orde) hoort bij het gemeentebestuur en houdt zich bijvoorbeeld bezig met foutparkeren, geluidsoverlast en openbare orde. Het Finanzamt (belastingkantoor) is een deelstaatinstantie, het Auswärtiges Amt is het federale ministerie van Buitenlandse Zaken en het Pfarramt hoort bij de kerk.
B die Ministerpräsidentin/der Ministerpräsident des größten Bundeslandes
C eine ehemalige Bundeskanzlerin/ein ehemaliger Bundeskanzler
D eine Abgeordnete/ein Abgeordneter der stärksten Fraktion✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Traditioneel levert de grootste fractie (Fraktion) de voorzitter van de Bundestag (federaal parlement). Alle parlementsleden kiezen deze aan het begin van de zittingsperiode.
A die Präsidentin/der Präsident des Bundesverfassungsgerichtes
B die Bundespräsidentin/der Bundespräsident✓ juist
C die Bundesratspräsidentin/der Bundesratspräsident
D die Bundestagspräsidentin/der Bundestagspräsident
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De Bundespräsident (bondspresident) benoemt de federale ministers op voorstel van de Bundeskanzler (bondskanselier), volgens artikel 64 van de Grundgesetz. De kanselier kiest ze dus uit, de president benoemt ze formeel.
Een decreet van de Romeinse keizer Constantijn uit het jaar 321 vermeldt een joodse gemeente in Keulen. Dat was ongeveer 1700 jaar geleden; daarom werd in 2021 1700 jaar joods leven in Duitsland gevierd.
De Bundestag (federaal parlement) en de Bundesrat (vertegenwoordiging van de deelstaten) maken de federale wetten en horen daarom bij de Legislative (wetgevende macht). De Exekutive voert wetten uit, de Judikative zijn de rechtbanken.
B Das Bundesverfassungsgericht steht über der Verfassung.
C Die Interessenverbände üben die Souveränität zusammen mit der Regierung aus.
D Die Staatsgewalt geht vom Volke aus.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Volkssouveränität (volkssoevereiniteit) betekent: alle staatsmacht gaat uit van het volk (artikel 20 van de Grundgesetz, de grondwet). Niet een koning of een rechtbank heeft de hoogste macht, maar de burgers, vooral via verkiezingen.
Het parlement van een deelstaat (Bundesland) heet Landtag, daarom heet die verkiezing Landtagswahl (deelstaatverkiezing). In de stadstaten heet het Abgeordnetenhaus (Berlijn) of Bürgerschaft (Hamburg, Bremen).
Rechtbanken horen bij de rechterlijke macht (Judikative) en zijn onafhankelijk. Politie, belastingdienst (Finanzamt) en ministeries voeren wetten uit en horen bij de uitvoerende macht (Exekutive).
Duitsland heeft drie niveaus: de federale overheid (Bund), de 16 deelstaten (Länder) en de gemeenten (Kommunen: steden, gemeenten en districten). Bezettingszones waren er alleen na 1945, kantons bestaan in Zwitserland.
C die Bundeskanzlerin/den Bundeskanzler zu wählen.
D das Bundeskabinett zu bilden.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Het bondskabinet (Bundeskabinett) wordt gevormd door de Bundeskanzler (bondskanselier), die de ministers uitkiest; de Bundespräsident benoemt ze. De Bundestag maakt wetten, controleert de regering en kiest de kanselier.
De grootste joodse gemeenten van Duitsland zijn in Berlijn en München, met elk ongeveer 9.000 leden. Worms en Speyer hebben een heel oude joodse geschiedenis, maar nu slechts kleine gemeenten.
Onderwijsbeleid is vooral een taak van de deelstaten (Bundesländer), de zogenoemde Kulturhoheit der Länder. Defensie en buitenlands beleid zijn taken van de federale overheid.
A weil es in Deutschland nur staatliche Schulen gibt
B weil alle Schülerinnen und Schüler einen Schulabschluss haben müssen
C weil es in den Bundesländern verschiedene Schulen gibt
D weil es nach dem Grundgesetz seine Aufgabe ist✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Artikel 7 van de Grundgesetz (grondwet) zegt: het hele schoolwezen staat onder toezicht van de staat. Er zijn ook particuliere scholen, maar die moeten worden goedgekeurd en gecontroleerd.
Het bestuur kent drie niveaus: Bund, Länder en gemeenten (Gemeinden). De gemeenten zijn het laagste niveau en regelen lokale zaken zelf (artikel 28 van de Grundgesetz).
De originele catalogus toont hier een persfoto; die wordt niet overgenomen. De vraag is te beantwoorden met de tekst.
A Sie/Er führt die Regierungsgeschäfte.
B Sie/Er kontrolliert die Regierungspartei.
C Sie/Er wählt die Ministerinnen/Minister aus.
D Sie/Er schlägt die Kanzlerin/den Kanzler zur Wahl vor.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De Bundespräsident (bondspresident) draagt bij de Bundestag een kandidaat voor als Bundeskanzler (bondskanselier), volgens artikel 63 van de Grundgesetz, en benoemt die na de verkiezing. De kanselier leidt de regering en kiest de ministers uit.
A in Bonn, weil sich dort das Bundeskanzleramt und der Bundestag befinden.
B auf Schloss Meseberg, dem Gästehaus der Bundesregierung, um Staatsgäste zu empfangen.
C auf Schloss Bellevue, dem Amtssitz der Bundespräsidentin/des Bundespräsidenten, um Staatsgäste zu empfangen.
D in Berlin, weil sich dort das Bundeskanzleramt und der Bundestag befinden.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Het Bundeskanzleramt (kanselarij) en de Bundestag zijn in Berlijn, daarom werkt de bondskanselier meestal daar. Bonn was tot 1999 regeringszetel; Schloss Bellevue is de ambtszetel van de Bundespräsident.
Friedrich Merz (CDU) werd in mei 2025 door de Bundestag tot Bundeskanzler (bondskanselier) gekozen. In het algemeen kiest de Bundestag na elke verkiezing de kanselier; Merkel en Schröder waren eerdere kanseliers, Ursula von der Leyen leidt de Europese Commissie.
Na de Bundestagsverkiezing van februari 2025 is CDU/CSU de grootste en de AfD de op één na grootste fractie (Fraktion) in de Bundestag. Die volgorde kan na elke verkiezing veranderen.
Het parlement voor heel Duitsland is de Bundestag in Berlijn; die wordt elke vier jaar gekozen. De Volkskammer was het parlement van de DDR, en de Bundesversammlung (Bondsvergadering) kiest alleen de bondspresident.
Het staatshoofd is de Bundespräsident (bondspresident); sinds 2017 is dat Frank-Walter Steinmeier, in 2022 herkozen. Een ambtstermijn duurt vijf jaar, maximaal twee termijnen; Joachim Gauck was zijn voorganger.
CDU staat voor Christlich Demokratische Union (Christen-Democratische Unie) van Duitsland. Ze werd in 1945 opgericht en doet mee in alle deelstaten behalve Beieren.
De Bundeswehr is het leger van de Bondsrepubliek Duitsland, opgericht in 1955. Het is een parlementsleger: voor buitenlandse missies is toestemming van de Bundestag nodig. De politie is een aparte instelling.
SPD staat voor Sozialdemokratische Partei Deutschlands (Sociaaldemocratische Partij van Duitsland). Het is de oudste partij van Duitsland, met wortels die teruggaan tot 1863.
Het Bundesverfassungsgericht (Federaal Constitutioneel Hof) in Karlsruhe legt de Grundgesetz (grondwet) bindend uit en toetst of wetten grondwettig zijn. Kantongerechten, hoven en bestuursrechters beslissen over andere rechtsvragen.
De Bundeskanzler (bondskanselier) wordt gekozen door de Bundestag (federaal parlement), op voordracht van de bondspresident (artikel 63 van de Grundgesetz). Het volk kiest de kanselier dus niet rechtstreeks, en de Bundesversammlung kiest alleen de bondspresident.
A die Bundestagspräsidentin/der Bundestagspräsident
B die Bundespräsidentin/der Bundespräsident
C die Bundesratspräsidentin/der Bundesratspräsident
D die Bundeskanzlerin/der Bundeskanzler✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Het bondskabinet (Bundeskabinett) bestaat uit de Bundeskanzler (bondskanselier) en de federale ministers. De kanselier leidt het en bepaalt de hoofdlijnen van het beleid (artikel 65 van de Grundgesetz).
De Bundestag (federaal parlement) kiest de Bundeskanzler (bondskanselier) met een meerderheid van zijn leden (artikel 63 van de Grundgesetz). Bij de verkiezingen kiest het volk alleen de parlementsleden, niet rechtstreeks de kanselier.
De belangrijkste taak van de Bundespräsident (bondspresident) is Duitsland in binnen- en buitenland te vertegenwoordigen, bijvoorbeeld bij staatsbezoeken. Hij ondertekent ook de wetten, maar regeert niet; dat doet de bondsregering.
B die Ministerinnen und Minister der Bundesregierung
C die Regierungsvertreter der Bundesländer✓ juist
D die Parteimitglieder
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De Bundesrat (vertegenwoordiging van de deelstaten) bestaat uit leden van de deelstaatregeringen (artikel 51 van de Grundgesetz). Elke deelstaat heeft afhankelijk van het aantal inwoners 3 tot 6 stemmen, in totaal 69.
De Bundesversammlung (Bondsvergadering) kiest de Bundespräsident (bondspresident) voor vijf jaar (artikel 54 van de Grundgesetz). Ze bestaat uit alle leden van de Bundestag en evenveel afgevaardigden van de deelstaatparlementen, en komt alleen voor deze verkiezing bijeen.
B entscheidet, wer Bundesministerin/Bundesminister wird.
C bestimmt, wer im Bundesrat sitzt.
D schlägt die Regierungschefinnen/Regierungschefs der Länder vor.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De oppositie controleert en bekritiseert de regering, bijvoorbeeld met vragen, debatten en parlementaire enquêtecommissies. Ministers worden door de kanselier gekozen, en de Bundesrat bestaat uit de deelstaatregeringen.
Via de Bundesrat (vertegenwoordiging van de deelstaten) werken de deelstaten mee aan de federale wetgeving en het bestuur (artikel 50 van de Grundgesetz). Voor sommige wetten die de deelstaten sterk raken, is instemming van de Bundesrat nodig.
A schwieriger, wenn sich dadurch die Mehrheit im Bundestag ändert.
B leichter, wenn dadurch neue Parteien in den Bundesrat kommen.
C schwieriger, wenn dadurch die Mehrheit im Bundesrat verändert wird.✓ juist
D leichter, wenn es sich um ein reiches Bundesland handelt.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Na een deelstaatverkiezing kan de samenstelling van de Bundesrat veranderen, omdat daar de deelstaatregeringen zitten. Als de bondsregering daar geen meerderheid meer heeft, kan de Bundesrat instemmingswetten blokkeren. De Bundestag verandert niet door een deelstaatverkiezing.
CSU staat voor Christlich-Soziale Union (Christelijk-Sociale Unie). Ze doet alleen mee in Beieren en vormt in de Bundestag samen met de CDU één fractie (de Union).
B mehr Direktkandidaten der Partei ziehen ins Parlament ein.
C größer ist das Risiko, eine Koalition bilden zu müssen.
D mehr Sitze erhält die Partei im Parlament.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De Zweitstimme (tweede stem, op een partijlijst) is de beslissende stem: de zetels in de Bundestag (het federale parlement) worden verdeeld naar het aandeel tweede stemmen van elke partij. Meer tweede stemmen betekent dus meer zetels; de Erststimme (eerste stem) bepaalt alleen wie het kiesdistrict wint.
Volgens artikel 38 van de Grundgesetz (de Duitse grondwet) mag je vanaf 18 jaar stemmen bij de Bundestagverkiezing. Sommige deelstaten laten 16-jarigen stemmen bij gemeente- of deelstaatverkiezingen, maar niet voor de Bundestag.
In Duitsland geldt Schulpflicht (leerplicht): kinderen moeten ongeveer 9 tot 10 jaar naar school. Een stemplicht of een religieuze plicht bestaat niet.
D mit Freiheitsstrafe bis zu fünf Jahren oder mit Geldstrafe✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Wie de Holocaust publiekelijk ontkent, is strafbaar volgens artikel 130 van het Duitse Wetboek van Strafrecht (Volksverhetzung, aanzetten tot haat). De straf is maximaal vijf jaar gevangenisstraf of een geldboete.
Bij een vaste baan worden de premies voor de Sozialversicherung (sociale verzekeringen: zorg-, verpleeg-, pensioen- en werkloosheidsverzekering) automatisch van het loon ingehouden. Bijstand, kinderbijslag en huurtoeslag zijn uitkeringen die je ontvangt, niet betaalt.
A dürfen sie nicht mehr an den Sitzungen des Parlaments teilnehmen.
B kann die Regierung ihre Mehrheit verlieren.✓ juist
C muss die Bundespräsidentin/der Bundespräsident zuvor ihr/sein Einverständnis geben.
D dürfen die Wählerinnen/Wähler dieser Abgeordneten noch einmal wählen.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Een regering heeft een meerderheid van de leden van de Bundestag nodig. Als Abgeordnete (volksvertegenwoordigers) van een regeringsfractie (Fraktion) naar een andere fractie overstappen, kan die meerderheid verloren gaan; hun zetel houden ze, want volgens artikel 38 Grundgesetz zijn ze alleen aan hun geweten gebonden.
A Arbeitgeberinnen/Arbeitgeber und Arbeitnehmerinnen/Arbeitnehmer✓ juist
B nur Arbeitnehmerinnen/Arbeitnehmer
C alle Staatsangehörigen
D nur Arbeitgeberinnen/Arbeitgeber
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De premies voor de sociale verzekeringen worden samen betaald door werkgevers en werknemers, meestal ongeveer de helft elk. Alleen de wettelijke ongevallenverzekering betaalt de werkgever alleen.
De wettelijke sociale verzekering bestaat uit zorg-, verpleeg-, pensioen-, werkloosheids- en ongevallenverzekering. Een levensverzekering is een private, vrijwillige verzekering.
Gewerkschaften (vakbonden) behartigen de belangen van werknemers, bijvoorbeeld over loon en werktijden. Ze onderhandelen met werkgevers over cao's; werkgevers hebben hun eigen werkgeversverenigingen.
D Ehrentitel "Held der Deutschen Demokratischen Republik"
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Het Bundesverdienstkreuz (Orde van Verdienste van de Bondsrepubliek, sinds 1951) is de hoogste onderscheiding voor bijzondere prestaties en wordt uitgereikt door de bondspresident. De Vaderlandse Orde van Verdienste en de titel Held van de DDR waren onderscheidingen van de voormalige DDR (Oost-Duitsland).
B von SPD, FDP und Bündnis 90/Die Grünen in einer Regierung✓ juist
C von CSU, Die LINKE und Bündnis 90/Die Grünen in einer Regierung
D der Bundestagsfraktionen von CDU und SPD
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Ampelkoalition (stoplichtcoalitie) is een regering van SPD (rood), FDP (geel) en De Groenen (groen), zoals de kleuren van een verkeerslicht. Op federaal niveau regeerde zo'n coalitie van 2021 tot 2024.
C Die Frau erledigt private Sachen während der Arbeitszeit.
D Die Frau bekommt ein Kind und ihr Chef weiß das.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Zwangere vrouwen en jonge moeders hebben bijzondere ontslagbescherming volgens de Mutterschutzgesetz (wet op moederschapsbescherming): zwangerschap mag nooit een ontslaggrond zijn. Vaak te laat komen, privézaken onder werktijd of zeer lange ziekte kunnen daarentegen soms wel een ontslag rechtvaardigen.
A Sie helfen alten Menschen bei der Stimmabgabe in der Wahlkabine.
B Sie schreiben die Wahlbenachrichtigungen vor der Wahl.
C Sie geben Zwischenergebnisse an die Medien weiter.
D Sie zählen die Stimmen nach dem Ende der Wahl.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Wahlhelfer (stembureauleden) werken in het stembureau en tellen na 18.00 uur openbaar de stemmen. De stemkaarten worden door de gemeente verstuurd, en het stemhokje betreed je alleen, want de stemming is geheim.
A Sie helfen Kindern und alten Menschen beim Wählen.
B Sie schreiben Karten und Briefe mit der Angabe des Wahllokals.
C Sie geben Zwischenergebnisse an Journalisten weiter.
D Sie zählen die Stimmen nach dem Ende der Wahl.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Vrijwillige Wahlhelfer tellen na het sluiten van de stembus de stemmen in het stembureau. Ze geven geen tussenresultaten aan journalisten en helpen niemand met het invullen van het stembiljet, behalve in bijzondere gevallen (bijv. een handicap) op verzoek van de kiezer.
A in der Bundesrepublik Deutschland wohnt und wählen möchte.
B Bürgerin/Bürger der Bundesrepublik Deutschland ist und mindestens 18 Jahre alt ist.✓ juist
C seit mindestens 3 Jahren in der Bundesrepublik Deutschland lebt.
D Bürgerin/Bürger der Bundesrepublik Deutschland ist und mindestens 21 Jahre alt ist.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Alleen Duitse staatsburgers van 18 jaar en ouder mogen stemmen bij de Bundestagverkiezing (artikel 38 Grundgesetz). Alleen in Duitsland wonen is niet genoeg; buitenlanders mogen niet stemmen, EU-burgers alleen bij gemeente- en Europese verkiezingen.
De zittingsperiode van de Bundestag duurt vier jaar (artikel 39 Grundgesetz), dus er is normaal elke vier jaar een Bundestagverkiezing. Alleen als de Bundestag vervroegd wordt ontbonden, zoals in 2025, wordt er eerder gestemd.
Volgens artikel 39 Grundgesetz wordt de Bundestag voor vier jaar gekozen. Vijf jaar geldt bijvoorbeeld voor de meeste deelstaatparlementen en het Europees Parlement, niet voor de Bundestag.
B das Aufhängen einer israelischen Flagge auf dem Privatgrundstück
C eine Diskussion über die Politik Israels
D der öffentliche Aufruf zur Vernichtung Israels✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Kritiek op of discussie over het beleid van Israël valt onder de vrijheid van meningsuiting, net als het ophangen van een Israëlische vlag. Publiekelijk oproepen tot de vernietiging van Israël is echter strafbaar, bijvoorbeeld als Volksverhetzung (aanzetten tot haat) of oproepen tot strafbare feiten.
Verkiezingen in Duitsland zijn geheim (artikel 38 Grundgesetz): niemand mag zien of controleren op wie je stemt. Daarom vul je je stembiljet alleen in het stemhokje in.
C die meisten Stimmen bei den Arbeiterinnen/Arbeitern bekommen hat.
D die meisten Erststimmen für ihre Kanzlerkandidatin/ihren Kanzlerkandidaten erhalten hat.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De partij met de meeste stemmen wint de verkiezing; voor de Bundestag tellen daarbij de tweede stemmen (Zweitstimmen). Elke stem telt even zwaar, ongeacht geslacht of beroep, en de bondskanselier wordt niet direct door het volk gekozen maar door de Bundestag.
Het recht om bij een verkiezing je stem uit te brengen heet aktives Wahlrecht (actief kiesrecht). Wahlkampf en Wahlkampagne betekenen juist de campagne van de partijen vóór een verkiezing.
Een partij heeft landelijk minstens 5% van de tweede stemmen nodig om zetels in de Bundestag te krijgen (de 5%-Hürde, kiesdrempel). Uitzonderingen gelden alleen voor partijen van nationale minderheden en partijen die minstens drie kiesdistricten direct winnen.
A Alle verurteilten Straftäterinnen/Straftäter dürfen nicht wählen.
B Wenn ich wählen gehen möchte, muss meine Arbeitgeberin/mein Arbeitgeber mir frei geben.
C Jede Person kann ohne Zwang entscheiden, ob sie wählen möchte und wen sie wählen möchte.✓ juist
D Ich kann frei entscheiden, wo ich wählen gehen möchte.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Een vrije verkiezing betekent: niemand mag je dwingen of onder druk zetten óf je stemt en op wie je stemt (artikel 38 Grundgesetz). Het gaat om de vrije keuze, niet om de plaats of om vrij krijgen van je werk.
Bij de Bundestagverkiezing heb je twee stemmen: met de Erststimme kies je volgens het meerderheidsstelsel een persoon in je kiesdistrict, met de Zweitstimme volgens evenredige vertegenwoordiging een partij. Daarom heet het systeem gepersonaliseerde evenredige vertegenwoordiging, een mix van meerderheids- en evenredig stelsel.
De minimumgrens om in de Bundestag te komen heet 5%-Hürde (kiesdrempel, ook Sperrklausel): een partij heeft minstens 5% van de tweede stemmen nodig. De andere begrippen zijn geen namen voor deze regel.
Volgens artikel 38 Grundgesetz zijn verkiezingen algemeen, direct, vrij, gelijk en geheim. Vrij, gelijk en geheim zijn drie van deze beginselen; een open stemming zou niet geheim zijn.
A Abstimmungsregelung im Bundestag für kleine Parteien
B Anwesenheitskontrolle im Bundestag für Abstimmungen
C Mindestanteil an Wählerstimmen, um ins Parlament zu kommen✓ juist
D Anwesenheitskontrolle im Bundesrat für Abstimmungen
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De 5%-Hürde (kiesdrempel) is het minimale aandeel stemmen: een partij heeft minstens 5% van de tweede stemmen nodig om zetels in het parlement te krijgen. Het heeft niets te maken met stemmingen of aanwezigheid in de Bundestag of de Bundesrat (de kamer van de deelstaten).
Bij de Bundestagverkiezing kiezen de burgers de Bundestag, het parlement voor heel Duitsland. De bondskanselier wordt daarna door de Bundestag gekozen, de bondspresident door de Bundesversammlung (Federale Vergadering).
A die Bürgerinnen und Bürger zu zwingen, ihre Stimme abzugeben.
B nach dem Willen der Wählermehrheit den Wechsel der Regierung zu ermöglichen.✓ juist
C im Land bestehende Gesetze beizubehalten.
D den Armen mehr Macht zu geben.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Regelmatige verkiezingen geven burgers de kans om een regering weg te stemmen en vreedzaam een andere meerderheid te kiezen. Stemmen is vrijwillig, en verkiezingen zijn er niet om wetten ongewijzigd te laten.
A eine Wahlbenachrichtigung von der Gemeinde✓ juist
B eine Wahlerlaubnis von der Bundespräsidentin/von dem Bundespräsidenten
C eine Benachrichtigung von der Bundesversammlung
D eine Benachrichtigung vom Pfarramt
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Vóór een verkiezing stuurt de gemeente (Gemeinde) iedere kiesgerechtigde een Wahlbenachrichtigung (stemkaart/oproepingskaart). Daarop staan het stembureau en de verkiezingsdag; je kunt er ook briefstemmen mee aanvragen.
A die Programme von vielen kleinen Parteien viele Gemeinsamkeiten haben.
B die Bürgerinnen und Bürger bei vielen kleinen Parteien die Orientierung verlieren können.
C viele kleine Parteien die Regierungsbildung erschweren.✓ juist
D die kleinen Parteien nicht so viel Geld haben, um die Politikerinnen und Politiker zu bezahlen.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De kiesdrempel van 5% moet voorkomen dat heel veel kleine partijen in het parlement zitten. Dan zou het moeilijk zijn een stabiele meerderheid en regering te vormen, zoals in de Weimarrepubliek bleek.
Gekozen leden van een parlement heten Abgeordnete (volksvertegenwoordigers); in de Bundestag heten ze MdB. Kanseliers, ambassadeurs en minister-presidenten worden niet direct door het volk gekozen.
B die Ministerpräsidentin/der Ministerpräsident eines Bundeslandes.
C der Bundestag.✓ juist
D die Bundespräsidentin/der Bundespräsident.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Het volk kiest de Bundestag rechtstreeks. De bondskanselier wordt door de Bundestag gekozen, minister-presidenten door de deelstaatparlementen (Landtage) en de bondspresident door de Bundesversammlung (Federale Vergadering).
Stembiljet 1 is geldig: het heeft precies één kruisje bij de Erststimme (eerste stem, linkerkolom, een kandidaat) en precies één kruisje bij de Zweitstimme (tweede stem, rechterkolom, een partij). Dat de twee kruisjes voor verschillende partijen zijn, mag; op de andere biljetten staan in één kolom twee of meer kruisjes.
De Bürgermeister (burgemeester) leidt een gemeente of stad en haar bestuur. In de meeste deelstaten wordt hij of zij rechtstreeks door de inwoners gekozen.
B Sie arbeiten freiwillig und unbezahlt in Vereinen und Verbänden.✓ juist
C Sie arbeiten in der Bundesregierung.
D Sie arbeiten in einem Krankenhaus und verdienen dabei Geld.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Ehrenamtlich betekent vrijwillig en onbetaald, bijvoorbeeld in een sportvereniging, bij de vrijwillige brandweer of in maatschappelijke organisaties. Wie voor zijn werk betaald wordt, werkt niet ehrenamtlich.
B Man kann durch Briefwahl seine Stimme abgeben.✓ juist
C Man kann am Wahltag telefonisch seine Stimme abgeben.
D Kinder ab dem Alter von 14 Jahren dürfen wählen.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Wie op de verkiezingsdag niet naar het stembureau kan, mag per Briefwahl (briefstemmen) stemmen; dit vraag je aan bij de gemeente. Je moet wel zelf stemmen: niemand mag voor een ander stemmen, telefonisch stemmen kan niet en kinderen van 14 mogen niet stemmen.
A Ich beteilige mich an einer Bürgerinitiative für die Erhaltung der Buslinie oder gründe selber eine Initiative.✓ juist
B Ich werde Mitglied in einem Sportverein und trainiere Radfahren.
C Ich wende mich an das Finanzamt, weil ich als Steuerzahlerin/Steuerzahler ein Recht auf die Buslinie habe.
D Ich schreibe einen Brief an das Forstamt der Gemeinde.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Een Bürgerinitiative (burgerinitiatief) is een groep burgers die zich inzet voor een bepaald lokaal doel, zoals het behoud van een buslijn. Dat is een typische vorm van politieke participatie; de belastingdienst of het bosbeheer gaat hier niet over.
B ungerechtfertigter Kündigung durch Ihre Chefin/Ihren Chef.✓ juist
C Problemen mit den Nachbarinnen/Nachbarn.
D Schwierigkeiten nach einem Verkehrsunfall.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Het Arbeitsgericht (arbeidsrechtbank) behandelt geschillen tussen werknemers en werkgevers, bijvoorbeeld een onterecht ontslag. Ruzie met buren, over servicekosten of na een verkeersongeluk hoort bij andere rechtbanken, meestal het Amtsgericht (kantongerecht).
Conflicten op het werk, bijvoorbeeld over loon, vakantie of ontslag, worden behandeld door het Arbeitsgericht (arbeidsrechtbank). De familierechtbank is voor familiezaken en de strafrechter voor strafbare feiten.
A weiterarbeiten und freundlich zur Chefin/zum Chef sein
B ein Mahnverfahren gegen die Arbeitgeberin/den Arbeitgeber führen
C Kündigungsschutzklage erheben✓ juist
D die Arbeitgeberin/den Arbeitgeber bei der Polizei anzeigen
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Tegen een onterecht ontslag kun je bij de arbeidsrechtbank een Kündigungsschutzklage (vordering wegens onterecht ontslag) indienen, binnen drie weken na ontvangst van de opzegging. De politie gaat hier niet over, en een Mahnverfahren (betalingsbevelprocedure) dient alleen om geld te innen.
B eine Straftat begangen hat und angeklagt wird.✓ juist
C eine andere Meinung als die der Regierung vertritt.
D sein Auto falsch geparkt hat und es abgeschleppt wird.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Een strafproces komt er als iemand verdacht wordt van een strafbaar feit en het Openbaar Ministerie (Staatsanwaltschaft) hem aanklaagt. Van religie veranderen en een andere mening hebben zijn beschermd door de Grundgesetz, en fout parkeren is slechts een overtreding.
Een Rechtsanwalt (advocaat) adviseert mensen over juridische vragen en vertegenwoordigt hen in de rechtbank. Rechters beslissen neutraal, en de Staatsanwalt (officier van justitie) klaagt strafbare feiten aan.
A vertritt Bürgerinnen und Bürger vor einem Gericht.
B arbeitet an einem Gericht und spricht Urteile.✓ juist
C ändert Gesetze.
D betreut Jugendliche vor Gericht.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Rechters werken bij rechtbanken, leiden procedures en spreken vonnissen uit. Ze zijn onafhankelijk en alleen aan de wet gebonden (artikel 97 Grundgesetz); alleen het parlement mag wetten wijzigen.
Bij de scheiding der machten zijn er de Legislative (wetgevende macht), de Exekutive (uitvoerende macht) en de Judikative (rechterlijke macht). Rechters horen bij de Judikative.
De rechtsprechende Gewalt (rechterlijke macht) ligt bij de rechtbanken, dus bij de rechters (artikel 92 Grundgesetz). De wetgevende macht is het parlement, de uitvoerende macht zijn regering en bestuur.
Een procedure voor de rechter heet Prozess (rechtszaak), bijvoorbeeld Strafprozess (strafzaak) of Zivilprozess (civiele zaak). Een Protokoll is alleen het schriftelijke verslag ervan.
Het werk van rechters is Recht sprechen (rechtspreken), dus geschillen en strafzaken volgens de wet beslissen. Regeren is de taak van de regering, en het parlement maakt de wetten.
D die Einhaltung von Gesetzen zu überwachen✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De politie zorgt voor veiligheid en orde en houdt toezicht op de naleving van wetten. De Bundeswehr (krijgsmacht) verdedigt het land, het parlement maakt wetten, en burgers mogen alleen binnen strikte wettelijke grenzen met toestemming van een rechter worden afgeluisterd.
De Holocaust ontkennen is antisemitisch, omdat het de moord op ongeveer zes miljoen Joden bagatelliseert; in Duitsland is het bovendien strafbaar. Zakelijke kritiek op de Israëlische regering is daarentegen niet automatisch antisemitisch.
De DDR (Duitse Democratische Republiek, Oost-Duitsland) bouwde de Berlijnse Muur vanaf 13 augustus 1961 om te voorkomen dat haar burgers naar West-Berlijn vluchtten. Hij stond tot de val op 9 november 1989.
Hitler werd op 30 januari 1933 rijkskanselier, waarna de nationaalsocialisten een dictatuur vestigden. Hun heerschappij eindigde met de capitulatie van Duitsland in mei 1945.
Op 8 mei 1945 trad de onvoorwaardelijke capitulatie van de Duitse Wehrmacht in werking; daarmee eindigde de Tweede Wereldoorlog in Europa. Hitler was al op 30 april 1945 dood, de Muur werd in 1961 gebouwd en Adenauer in 1949 gekozen.
De Tweede Wereldoorlog eindigde in 1945: in Europa op 8 mei, in Azië met de capitulatie van Japan in september. In 1933 kwam Hitler aan de macht, in 1949 werden de twee Duitse staten opgericht en in 1961 werd de Muur gebouwd.
De nationaalsocialisten regeerden Duitsland van 1933 tot 1945. Hun bewind begon met Hitlers benoeming tot rijkskanselier in januari 1933 en eindigde met de capitulatie in mei 1945.
Vanaf 1933 schaften de nationaalsocialisten de democratie af: partijen werden verboden, grondrechten opgeschort en tegenstanders vervolgd. Zo ontstond een dictatuur onder Hitler.
Drittes Reich (Derde Rijk) was de naam die de nationaalsocialisten aan hun staat van 1933 tot 1945 gaven. Het was een dictatuur met maar één toegestane partij, zonder vrije verkiezingen en zonder grondrechten.
In de nazitijd waren er geen vrije verkiezingen, want vanaf juli 1933 was de NSDAP de enige toegestane partij. Persscensuur, willekeurige arrestaties en de vervolging van Joden waren er wel.
De nazistaat maakte racisme tot staatsbeleid: Joden, Sinti en Roma en andere groepen werden rechteloos gemaakt, vervolgd en vermoord. Vrijheid van meningsuiting, godsdienstvrijheid en democratie bestonden niet.
A eine Goldmedaille bei den Olympischen Spielen 1936.
B den Bau des Reichstagsgebäudes.
C den Aufbau der Wehrmacht.
D das Attentat auf Hitler am 20. Juli 1944.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Claus Schenk Graf von Stauffenberg was een officier die op 20 juli 1944 een bom liet ontploffen in Hitlers hoofdkwartier om Hitler te doden en het naziregime omver te werpen. Hitler overleefde het en Stauffenberg werd diezelfde nacht gefusilleerd; hij is een symbool van het verzet.
In de nacht van 9 op 10 november 1938 (de Novemberpogrome, novemberpogroms, vroeger ook Kristallnacht genoemd) vernielden nazi's in het hele land synagogen en Joodse winkels. Veel Joden werden mishandeld, gedood of naar concentratiekampen gebracht.
A Mit dem Angriff auf Polen beginnt der Zweite Weltkrieg.
B Die Nationalsozialisten verlieren eine Wahl und lösen den Reichstag auf.
C Jüdische Geschäfte und Synagogen werden durch Nationalsozialisten und ihre Anhänger zerstört.✓ juist
D Hitler wird Reichspräsident und lässt alle Parteien verbieten.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Op 9 november 1938 begonnen de novemberpogroms: nazi's en hun aanhangers vernielden synagogen en Joodse winkels. De aanval op Polen kwam pas op 1 september 1939.
Konrad Adenauer (CDU) werd in 1949 de eerste Bundeskanzler (bondskanselier) van de Bondsrepubliek en regeerde tot 1963. Kiesinger, Brandt en Schmidt waren later kanselier.
B bei den Demonstrationen 1968 in der Bundesrepublik Deutschland
C bei den Anti-Atomkraft-Demonstrationen 1985 in der Bundesrepublik Deutschland
D bei den Montagsdemonstrationen 1989 in der DDR✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Wir sind das Volk (Wij zijn het volk) riepen de mensen in 1989 bij de Montagsdemonstrationen (maandagdemonstraties) in de DDR, vooral in Leipzig. Deze vreedzame protesten leidden tot de val van de Muur en het einde van de SED-dictatuur.
D USA, Sowjetunion, Großbritannien, Frankreich✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Na 1945 verdeelden de vier overwinnaars, de VS, de Sovjet-Unie, Groot-Brittannië en Frankrijk, Duitsland in vier bezettingszones. Italië en Japan waren bondgenoten van Duitsland geweest, en Polen, Zweden, Spanje en Portugal waren geen bezettingsmachten.
Japan was in de Tweede Wereldoorlog een bondgenoot van Duitsland en geen bezettingsmacht. De vier bezettingsmachten waren de VS, de Sovjet-Unie, Groot-Brittannië en Frankrijk.
De Bondsrepubliek Duitsland werd in 1949 opgericht: op 23 mei 1949 werd de Grundgesetz (grondwet) afgekondigd. In hetzelfde jaar, op 7 oktober, werd in het oosten de DDR opgericht.
B das Recht zur freien Entfaltung der Persönlichkeit
C Pressefreiheit
D den Schutz der Menschenwürde
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In de nazitijd werden alle partijen behalve de NSDAP verboden of moesten zichzelf opheffen. Persvrijheid, vrije ontplooiing van de persoonlijkheid en bescherming van de menselijke waardigheid werden pas door de Grundgesetz van 1949 gegarandeerd.
B wird vom Staat geplant und gesteuert, Angebot und Nachfrage werden nicht berücksichtigt.
C richtet sich nach der Nachfrage im Ausland.
D richtet sich nach Angebot und Nachfrage, aber der Staat sorgt für einen sozialen Ausgleich.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In de Soziale Marktwirtschaft (sociale markteconomie) bepalen vraag en aanbod de economie, maar de staat zorgt voor sociale compensatie, bijvoorbeeld met sociale verzekeringen, werknemersbescherming en mededingingsregels. Een zuivere planeconomie zoals in de DDR is het tegendeel.
De DDR (Oost-Duitsland) werd op 7 oktober 1949 opgericht in de Sovjet-bezettingszone. Uit de Amerikaanse, Britse en Franse zones ontstond de Bondsrepubliek.
In 1951 en 1957 was de Bondsrepubliek een van de zes oprichters van de Europese Gemeenschappen, waaruit de EU ontstond. Bij de NAVO kwam ze pas in 1955, bij de Verenigde Naties in 1973; het Warschaupact was het bondgenootschap van het Oostblok.
Na de Tweede Wereldoorlog waren er vier bezettingszones: een Amerikaanse, een Britse, een Franse en een Sovjet-zone. Ook Berlijn werd in vier sectoren verdeeld.
A 1=Großbritannien, 2=Sowjetunion, 3=Frankreich, 4=USA
B 1=Sowjetunion, 2=Großbritannien, 3=USA, 4=Frankreich
C 1=Großbritannien, 2=Sowjetunion, 3=USA, 4=Frankreich✓ juist
D 1=Großbritannien, 2=USA, 3=Sowjetunion, 4=Frankreich
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Op de kaart is 1 het noordwesten (Britse zone), 2 het oosten (Sovjet-zone), 3 het zuiden met Beieren en Hessen (Amerikaanse zone) en 4 het kleine zuidwesten (Franse zone). Ezelsbruggetje: de Sovjets hadden het oosten, Frankrijk het deel aan de Franse grens.
Berlijn lag midden in de Sovjet-zone, maar werd als hoofdstad in vier sectoren verdeeld: Amerikaans, Brits, Frans en Sovjet. De drie westelijke sectoren vormden later West-Berlijn.
A Für Frankreich war eine Versorgung der West-Berliner Bevölkerung mit dem Flugzeug kostengünstiger.
B Die amerikanischen Soldatinnen und Soldaten hatten beim Landtransport Angst vor Überfällen.
C Für Großbritannien war die Versorgung über die Luftbrücke schneller.
D Die Sowjetunion unterbrach den gesamten Verkehr auf dem Landwege.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In juni 1948 blokkeerde de Sovjet-Unie alle land- en waterwegen naar West-Berlijn (de Berlijnse blokkade). Daarom bevoorraadden de westelijke geallieerden de stad bijna een jaar lang met vliegtuigen via de Luftbrücke (luchtbrug).
B durch die bedingungslose Kapitulation Deutschlands✓ juist
C mit dem Rückzug der Deutschen aus den besetzten Gebieten
D durch eine Revolution in Deutschland
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De oorlog in Europa eindigde officieel met de onvoorwaardelijke capitulatie van de Duitse Wehrmacht, die op 8 mei 1945 in werking trad. Hitlers dood op 30 april 1945 maakte nog geen einde aan de oorlog.
Konrad Adenauer was van 1949 tot 1963 de eerste bondskanselier. Ludwig Erhard volgde hem in 1963 op; Willy Brandt en Gerhard Schröder waren later kanselier.
De originele catalogus toont hier een persfoto; die wordt niet overgenomen. De vraag is te beantwoorden met de tekst.
A Er hat sich den ehemaligen Alliierten unterworfen.
B Er bat Polen und die polnischen Juden um Vergebung.✓ juist
C Er zeigte seine Demut vor dem Warschauer Pakt.
D Er sprach ein Gebet am Grab des Unbekannten Soldaten.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Op 7 december 1970 knielde bondskanselier Willy Brandt voor het monument voor de helden van het getto van Warschau. Het gebaar werd begrepen als een verzoek om vergeving voor de Duitse misdaden tegen Polen en de Poolse Joden.
Het Wirtschaftswunder (economisch wonder) was de snelle economische groei in West-Duitsland in de jaren 1950. De basis waren onder meer de muntvervanging van 1948, de sociale markteconomie en de Marshallhulp.
De basis was het VN-verdelingsplan voor Palestina, Resolutie 181 van de Verenigde Naties van 29 november 1947. Op basis daarvan werd de staat Israël op 14 mei 1948 uitgeroepen.
Het "Eiserner Vorhang" (IJzeren Gordijn) was de zwaar bewaakte grens die de communistische staten in het Oosten (later het Warschaupact) afsloot van het Westen. Hij verdeelde Europa tijdens de Koude Oorlog tot 1989.
Op 17 juni 1953 was er in de DDR (Oost-Duitsland) een volksopstand tegen de SED-regering, die door Sovjettanks werd neergeslagen. In West-Duitsland was 17 juni tot 1990 een feestdag: de "Dag van de Duitse Eenheid".
De vlag van de DDR (Oost-Duitsland) was zwart-rood-goud zoals die van de Bondsrepubliek, maar had vanaf 1959 in het midden het staatswapen met hamer, passer en een krans van korenaren. De Bondsrepubliek heeft de kleuren zonder wapen.
De DDR (Oost-Duitsland) begon op 13 augustus 1961 met de bouw van de Muur in Berlijn. Zo wilde ze voorkomen dat nog meer mensen naar het Westen vluchtten.
De Berlijnse Muur werd op 13 augustus 1961 gebouwd. 1990 is het jaar van de hereniging; 1919 en 1933 horen bij de Weimarrepubliek en het begin van de nazitijd.
DDR staat voor "Deutsche Demokratische Republik" (Duitse Democratische Republiek). Zo heette de Oost-Duitse staat van 1949 tot 1990, hoewel het geen echte democratie was.
Op 9 november 1989 ging de Muur in Berlijn open, na vreedzame protesten van de mensen in de DDR (Oost-Duitsland). Een jaar later, in 1990, volgde de hereniging.
Brandenburg ligt rond Berlijn en hoorde bij de DDR (Oost-Duitsland). Het is een van de vijf "nieuwe deelstaten"; Beieren, Saarland en Hessen hoorden altijd bij de Bondsrepubliek.
Van 1961 tot 1989 verdeelde de Muur Berlijn in Oost-Berlijn (DDR) en West-Berlijn. West-Berlijn was ook over de weg en per trein bereikbaar, niet alleen per vliegtuig.
3 oktober is de "Tag der Deutschen Einheit" (Dag van de Duitse Eenheid), een nationale feestdag. Op die dag in 1990 trad de DDR toe tot de Bondsrepubliek.
Saksen-Anhalt (Sachsen-Anhalt) hoorde bij de DDR (Oost-Duitsland) en is een van de vijf nieuwe deelstaten. Hessen, Noordrijn-Westfalen en Saarland liggen in het Westen.
B von einer liberalen Marktwirtschaft zum Sozialismus.
C von einer Monarchie zur Sozialdemokratie.
D von einem religiösen Staat zu einem kommunistischen Staat.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
"Wende" betekent ommekeer: in de herfst van 1989 maakten vreedzame protesten een einde aan de SED-dictatuur. De DDR werd democratisch en in 1990 waren er de eerste vrije verkiezingen voor het parlement (Volkskammer).
Saksen (Sachsen), met als hoofdstad Dresden, hoorde bij de DDR (Oost-Duitsland). Beieren, Nedersaksen en Baden-Württemberg hoorden bij de Bondsrepubliek.
"Stasi" is de afkorting van het Ministerie voor Staatsveiligheid (Ministerium für Staatssicherheit) van de DDR. Het bespioneerde burgers en vervolgde mensen die tegen de SED waren.
Mecklenburg-Voor-Pommeren (Mecklenburg-Vorpommern) aan de Oostzee hoorde bij de DDR (Oost-Duitsland). Sleeswijk-Holstein ligt ook in het noorden, maar hoorde altijd bij de Bondsrepubliek.
A Niedersachsen, Nordrhein-Westfalen, Hessen, Schleswig-Holstein, Brandenburg
B Mecklenburg-Vorpommern, Brandenburg, Sachsen, Sachsen-Anhalt, Thüringen✓ juist
C Bayern, Baden-Württemberg, Rheinland-Pfalz, Thüringen, Sachsen
D Sachsen, Thüringen, Hessen, Niedersachen, Brandenburg
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De vijf nieuwe deelstaten uit de voormalige DDR (Oost-Duitsland) zijn Mecklenburg-Vorpommern, Brandenburg, Sachsen, Sachsen-Anhalt en Thüringen. De andere lijsten bevatten altijd minstens één West-Duitse deelstaat, bijv. Hessen of Beieren.
In de Koude Oorlog hoorde de DDR (Oost-Duitsland) bij het Oostblok onder leiding van de Sovjet-Unie en was lid van het Warschaupact. De Bondsrepubliek hoorde daarentegen bij de NAVO.
In de DDR (Oost-Duitsland) plande de staat de economie centraal en bepaalde productie en prijzen. Dat heet planeconomie (Planwirtschaft); de Bondsrepubliek heeft daarentegen een sociale markteconomie.
B Die heutigen fünf östlichen Bundesländer sind der Bundesrepublik Deutschland beigetreten.✓ juist
C Die westlichen Bundesländer sind der DDR beigetreten.
D Die DDR hat die Bundesrepublik Deutschland besetzt.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De DDR werd niet bezet: het vrij gekozen parlement (Volkskammer) besloot tot toetreding volgens artikel 23 van de Grundgesetz (Basiswet, de Duitse grondwet). Op 3 oktober 1990 kwamen de vijf nieuwe deelstaten (en Oost-Berlijn) bij de Bondsrepubliek.
De Bondsrepubliek was al lid van de Europese Gemeenschap. Met de toetreding in 1990 werden de nieuwe deelstaten daar automatisch deel van, dus van de huidige Europese Unie (EU, sinds 1993). Het Warschaupact werd in 1991 opgeheven.
A an berühmte deutsche Politikerinnen und Politiker
B an die Opfer des Nationalsozialismus✓ juist
C an Verkehrstote
D an bekannte jüdische Musiker
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Stolpersteine ("struikelstenen") zijn kleine messing plaatjes in de stoep voor huizen waar slachtoffers van het nationaalsocialisme woonden. Er staan naam, geboortejaar en lot van de persoon op; de kunstenaar Gunter Demnig begon het project in de jaren 1990.
De DDR (Oost-Duitsland) was van 1955 tot 1990 lid van het Warschaupact, het militaire bondgenootschap van het Oostblok onder leiding van de Sovjet-Unie. De NAVO was het westerse bondgenootschap waar de Bondsrepubliek bij hoorde.
D ein deutscher Sportverein während des Zweiten Weltkrieges
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De Stasi (Ministerie voor Staatsveiligheid) was de geheime dienst en geheime politie van de DDR (Oost-Duitsland). De geheime politie in het "Derde Rijk" was een andere organisatie, bijv. de Gestapo.
Het juiste antwoord is afbeelding 4: die toont het wapen van de DDR met hamer en passer, omringd door een krans van korenaren met een zwart-rood-gouden lint. Hamer en passer stonden voor arbeiders en intellectuelen, de aren voor de boeren.
B landesweite Streiks und ein Volksaufstand✓ juist
C der 1. SED-Parteitag
D der erste Besuch Fidel Castros
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Op 17 juni 1953 staakten veel arbeiders in de hele DDR (Oost-Duitsland); dat groeide uit tot een volksopstand voor vrijheid en betere levensomstandigheden. Sovjettroepen sloegen die met tanks neer.
Bondskanselier Willy Brandt (SPD) sloot vanaf 1970 de "Ostverträge" (Oostverdragen) met de Sovjet-Unie, Polen en de DDR om de betrekkingen met het Oosten te verbeteren. Daarvoor kreeg hij in 1971 de Nobelprijs voor de Vrede.
De officiële naam is "Bundesrepublik Deutschland" (Bondsrepubliek Duitsland), zo staat het ook in de Grundgesetz (Basiswet). "Bund" laat zien dat Duitsland een bondsstaat van 16 deelstaten is, "Republik" dat er geen koning is.
De bondsvlag is zwart-rood-goud (artikel 22 van de Grundgesetz, Basiswet). De kleuren komen uit de democratische beweging van de 19e eeuw; zwart-wit-rood was de vlag van het Duitse Keizerrijk.
Helmut Kohl (CDU) was van 1982 tot 1998 bondskanselier. Hij leidde in 1989/90 de onderhandelingen over de hereniging en heet daarom de "Kanselier van de Duitse Eenheid".
In de plenaire zaal van de Bundestag (het federale parlement) hangt een grote bondsadelaar (Bundesadler), het wapendier van de Bondsrepubliek. De rijksadelaar en de rijkskroon zijn symbolen van vroegere rijken.
De DDR (Oost-Duitsland) werd op 7 oktober 1949 opgericht en hield op te bestaan op 3 oktober 1990 met de toetreding tot de Bondsrepubliek. 1933 tot 1945 was de nazitijd.
In 1990 kwamen er vijf deelstaten bij: Brandenburg, Mecklenburg-Vorpommern, Sachsen, Sachsen-Anhalt en Thüringen. Oost-Berlijn werd met West-Berlijn verenigd tot de deelstaat Berlijn. Sindsdien heeft Duitsland 16 deelstaten.
De huidige grenzen gelden sinds de hereniging in 1990. In het Twee-plus-Vierverdrag werden ze definitief vastgelegd, ook de grens met Polen langs de Oder en de Neisse.
D an die Opfer des Nationalsozialismus (Tag der Befreiung des Vernichtungslagers Auschwitz)✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Op 27 januari 1945 bevrijdden Sovjetsoldaten het vernietigingskamp Auschwitz. Sinds 1996 is deze dag in Duitsland de herdenkingsdag voor de slachtoffers van het nationaalsocialisme; de oorlog eindigde op 8 mei 1945.
A Deutsche können in viele Länder Europas ohne Passkontrolle reisen.✓ juist
B Alle Menschen können ohne Personenkontrolle in Deutschland einreisen.
C Deutsche können ohne Passkontrolle in jedes Land reisen.
D Deutsche können in jedem Land mit dem Euro bezahlen.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In het Schengengebied zijn er normaal geen paspoortcontroles aan de grenzen tussen de lidstaten, waartoe de meeste EU-landen en bijv. Zwitserland behoren. Dat geldt niet wereldwijd, en landen mogen tijdelijk weer controleren, zoals Duitsland sinds 2024 doet.
Zwitserland grenst in het zuiden aan Duitsland, vooral bij het Bodenmeer en langs de Rijn. Hongarije, Portugal en Spanje hebben geen gemeenschappelijke grens met Duitsland.
Polen grenst in het oosten aan Duitsland; de grens loopt langs de rivieren Oder en Neisse. Roemenië, Bulgarije en Griekenland liggen verder naar het zuidoosten.
EU staat voor "Europäische Union" (Europese Unie), een samenwerkingsverband van momenteel 27 Europese staten. De gemeenschappelijke munt heet euro, maar de unie is geen "Euro-Unie".
In Oostenrijk (Österreich) is Duits de officiële taal en de moedertaal van de meeste mensen. In Tsjechië, Noorwegen en Spanje spreekt de meerderheid andere talen.
Het juiste antwoord is afbeelding 2: de blauwe vlag met een cirkel van twaalf gouden sterren. Het getal twaalf staat voor volmaaktheid en eenheid, niet voor het aantal lidstaten.
De toetreding van de DDR op 3 oktober 1990 heet "Deutsche Wiedervereinigung" (Duitse hereniging), omdat Oost en West na meer dan 40 jaar deling weer één staat werden. De oostelijke uitbreidingen van de EU en de NAVO kwamen later en betroffen andere landen.
A Damit sind amerikanische Einwanderinnen und Einwanderer in Europa gemeint.
B Der Begriff meint den Einwanderungsstopp nach Europa.
C Damit sind europäische Auswanderinnen und Auswanderer in den USA gemeint.
D Der Begriff meint den Zusammenschluss europäischer Staaten zur EU.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
"Europese integratie" betekent dat Europese staten steeds nauwer samenwerken, van de EEG in 1957 tot de huidige EU. Het begrip heeft niets met immigratie of emigratie te maken.
C die Abgeordneten des Europäischen Parlaments✓ juist
D die europäische Verfassung
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Bij de Europese verkiezingen kiezen de burgers de leden van het Europees Parlement; Duitsland heeft er 96. De Europese Commissie wordt niet rechtstreeks door het volk gekozen.
De officiële zetel van het Europees Parlement is Straatsburg (Straßburg) in Frankrijk; daar vinden de meeste plenaire vergaderingen plaats. Andere werkplekken zijn Brussel en Luxemburg, maar niet Londen, Parijs of Berlijn.
De originele catalogus toont hier een persfoto; die wordt niet overgenomen. De vraag is te beantwoorden met de tekst.
A Freundschaft zwischen England und Deutschland
B Reisefreiheit in alle Länder der EU
C Frieden und Sicherheit in den Ländern der EU✓ juist
D einheitliche Feiertage in den Ländern der EU
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In 1984 hielden Mitterrand en Kohl elkaars hand vast in Verdun, de plaats van een bloedige slag in de Eerste Wereldoorlog. Dat toont het belangrijkste doel van de Europese eenwording: vrede en verzoening tussen vroegere vijanden.
B Gründung der Europäischen Wirtschaftsgemeinschaft (EWG)✓ juist
C Verpflichtung Deutschlands zu Reparationsleistungen
D Festlegung der Oder-Neiße-Linie als Ostgrenze
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Met de Verdragen van Rome in 1957 richtten Duitsland, Frankrijk, Italië en de Beneluxlanden de Europese Economische Gemeenschap (EWG/EEG) en Euratom op. De EEG is een voorloper van de huidige EU.
Het Europees Parlement werkt op drie plaatsen: in Straatsburg zijn de plenaire vergaderingen, in Brussel de commissies en extra vergaderingen, in Luxemburg het secretariaat-generaal (de administratie).
In 1957 ondertekende de Bondsrepubliek in Rome de "Verdragen van Rome" (Römische Verträge) en richtte zo met vijf andere staten de EEG op. De "Verdragen van Parijs" (1951/1954) gingen over andere zaken, bijv. de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en de soevereiniteit.
De euro werd in 1999 eerst als giraal geld ingevoerd. Munten en biljetten bestaan sinds 1 januari 2002; sindsdien betaalt men in Duitsland contant met de euro in plaats van met de D-mark.
B Sie muss einen Antrag bei der Elterngeldstelle stellen.✓ juist
C Sie muss nichts tun, denn sie bekommt automatisch Elterngeld.
D Sie muss das Arbeitsamt um Erlaubnis bitten.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Elterngeld (ouderschapsuitkering) krijg je niet automatisch: je moet een schriftelijke aanvraag indienen bij de Elterngeldstelle (het loket voor ouderschapsuitkering), het liefst kort na de geboorte. Met terugwerkende kracht wordt het maximaal drie maanden betaald.
In Duitsland is de kleuterschool (Kindergarten) niet verplicht. De ouders of wettelijke voogden beslissen of hun kind naar de Kindergarten gaat; alleen school is verplicht.
B Sie müssen nichts tun. Man darf in Deutschland jederzeit überall demonstrieren.
C Sie können gar nichts tun, denn Demonstrationen sind in Deutschland grundsätzlich verboten.
D Maik und Sybille müssen einen neuen Verein gründen, weil nur Vereine demonstrieren dürfen.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De vrijheid van vergadering geldt (artikel 8 van de Grundgesetz, Basiswet), maar een demonstratie in de openlucht moet je vooraf aanmelden bij de bevoegde instantie, normaal 48 uur van tevoren. Een vergunning of vereniging is niet nodig.
Om aan een universiteit te studeren heb je normaal het Abitur (het algemene toelatingsdiploma voor hoger onderwijs) nodig. Een Diplom is een universitair diploma en de Gesellenprüfung is het examen van een beroepsopleiding.
Anne is 13 en dus nog een kind; het strafrecht beschermt kinderen onder 14 jaar extra, een relatie met een volwassene is verboden. Volwassenen mogen daarentegen vrij samenwonen, ook paren van hetzelfde geslacht of met een groot leeftijdsverschil.
In Duitsland ben je meerderjarig op 18 jaar (sinds 1975). Dan mag je bijv. zelfstandig contracten sluiten en stemmen bij de verkiezingen voor de Bundestag (het federale parlement).
Mutterschutz (zwangerschaps- en bevallingsbescherming) beschermt zwangere vrouwen en moeders: meestal mogen ze 6 weken voor en 8 weken na de geboorte niet werken en zijn ze beschermd tegen ontslag. Elternzeit (ouderschapsverlof) is iets anders; moeder en vader kunnen dat daarna nemen.
Volgens artikel 6, lid 2 van de Grundgesetz (Basiswet) zijn verzorging en opvoeding van kinderen het natuurlijke recht en de plicht van de ouders. De staat let er alleen op dat het de kinderen goed gaat.
De ouders zijn hoofdverantwoordelijk voor de opvoeding (artikel 6 van de Grundgesetz, Basiswet). Scholen en de staat ondersteunen alleen; de staat grijpt in als het welzijn van het kind in gevaar is.
Op de arbeidsmarkt tellen vooral opleiding en kwalificaties. Religie, geslacht of partijlidmaatschap mogen bij het aannemen geen rol spelen (Algemene Wet Gelijke Behandeling).
Kinderen hebben recht op een geweldloze opvoeding (§ 1631 van het Burgerlijk Wetboek, sinds 2000). Wie een kind slaat, kan bijv. voor mishandeling worden bestraft; het is geen puur familiezaak.
A darf man zur gleichen Zeit nur mit einer Partnerin/einem Partner verheiratet sein.✓ juist
B kann man mehrere Ehepartnerinnen/Ehepartner gleichzeitig haben.
C darf man nicht wieder heiraten, wenn man einmal verheiratet war.
D darf eine Frau nicht wieder heiraten, wenn ihr Mann gestorben ist.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In Duitsland mag je maar met één persoon tegelijk getrouwd zijn; bigamie is verboden en strafbaar. Na een scheiding of het overlijden van de partner mag je wel opnieuw trouwen.
Na een verhuizing moet je je binnen twee weken inschrijven bij het Einwohnermeldeamt (bevolkingsregister, vaak Bürgeramt genoemd). Het Standesamt (burgerlijke stand) is bevoegd voor huwelijken en geboortes, het Gewerbeamt voor bedrijven.
B Die Ehegatten sind ein Jahr verheiratet, dann ist die Scheidung möglich.
C Das Besuchsrecht für die Kinder gilt ein Jahr.
D Die Ehegatten führen mindestens ein Jahr getrennt ihr eigenes Leben. Danach ist die Scheidung möglich.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Voor een scheiding moeten de echtgenoten meestal minstens een jaar gescheiden leven. Dat laat de familierechtbank zien dat het huwelijk echt mislukt is; je kunt ook binnen dezelfde woning gescheiden leven.
Het Jugendamt (jeugdzorgdienst) adviseert en ondersteunt ouders bij opvoedingsvragen en problemen in het gezin, bijv. met opvoedingsondersteuning. Het Ordnungsamt (dienst openbare orde) en het Gesundheitsamt (GGD) hebben andere taken.
D eine Gaststättenerlaubnis von der zuständigen Behörde✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Wie een restaurant met alcoholschenking wil openen, heeft volgens het horecarecht (Gaststättenrecht) een vergunning nodig of moet het bedrijf aanmelden bij de bevoegde instantie (meestal Gewerbeamt of Ordnungsamt). Politie, partij of bevolkingsregister zijn daarvoor niet bevoegd.
Het Abendgymnasium (avondgymnasium) is een school voor volwassenen die naast hun werk alsnog het Abitur willen halen. Aan een hogeschool studeer je pas met Abitur; de Hauptschule leidt niet tot het Abitur.
B Es kann ein Kind, das geschlagen wird oder hungern muss, aus der Familie nehmen.✓ juist
C Es bezahlt das Kindergeld an die Eltern.
D Es kontrolliert, ob das Kind einen Kindergarten besucht.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Als een kind in gevaar is, bijv. omdat het geslagen wordt of honger moet lijden, mag het Jugendamt (jeugdzorgdienst) het tijdelijk uit het gezin halen (Inobhutnahme, uithuisplaatsing). Kindergeld (kinderbijslag) wordt daarentegen door de Familienkasse betaald, en de ouders kiezen de school.
In het Berufsinformationszentrum (BIZ, beroepeninformatiecentrum) van de Bundesagentur für Arbeit (federaal arbeidsbureau) kun je informatie krijgen over beroepen en opleidingen en hulp bij het zoeken naar een leerplaats (Lehrstelle). Voor pensioen, belastingen en zorgverzekering zijn andere instanties bevoegd.
In Duitsland geldt de leerplicht (Schulpflicht): kinderen moeten regelmatig de lessen bijwonen, dus er is aanwezigheidsplicht. Als een kind zonder reden afwezig is, kunnen de ouders een boete krijgen.
Volwassenen kunnen het Abitur alsnog halen aan een Abendgymnasium (avondgymnasium) of een Kolleg, vaak naast hun werk. Hogescholen en particuliere universiteiten vereisen het Abitur al.
A Niemand darf z.B. wegen einer Behinderung benachteiligt werden.✓ juist
B Man darf andere Personen benachteiligen, wenn ausreichende persönliche Gründe hierfür vorliegen.
C Niemand darf gegen Personen klagen, wenn sie benachteiligt wurden.
D Es ist für alle Gesetz, benachteiligten Gruppen jährlich Geld zu spenden.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Gelijke behandeling betekent: niemand mag worden benadeeld vanwege bijv. een handicap, geslacht, afkomst of religie (artikel 3 van de Grundgesetz, Basiswet, en de Algemene Wet Gelijke Behandeling). Wie benadeeld wordt, kan zich verweren en ook naar de rechter stappen.
Vanaf 14 jaar kun je voor strafbare feiten worden bestraft. Jongeren komen wel voor de kinderrechter en vallen onder het jeugdstrafrecht, dus ze worden niet als volwassenen behandeld.
Rosenmontag is het hoogtepunt van Karneval of Fasching (carnaval), vooral in het Rijnland; dan zijn er optochten met kleurrijke kostuums en maskers. Het Oktoberfest is een volksfeest in München zonder verkleding.
Wie wil trouwen, moet het huwelijk eerst aanmelden bij het Standesamt (burgerlijke stand). Alleen het burgerlijk huwelijk is wettelijk geldig; een kerkelijk huwelijk kan daarnaast worden gevierd.
A Sie müssen die Entscheidung der volljährigen Tochter respektieren.✓ juist
B Sie haben das Recht, die Tochter in die elterliche Wohnung zurückzuholen.
C Sie können zur Polizei gehen und die Tochter anzeigen.
D Sie suchen einen anderen Mann für die Tochter.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Met 22 jaar is de dochter meerderjarig en mag ze zelf beslissen met wie ze samenwoont. De ouders moeten dat respecteren; ze mogen haar niet terughalen of een man voor haar uitkiezen.
A Sie muss mindestens zehn Jahre in Deutschland leben, bevor sie den Führerschein machen kann.
B Wenn sie kein Deutsch kann, darf sie keinen Führerschein haben.
C Sie muss den Führerschein in dem Land machen, in dem man ihre Sprache spricht.
D Sie kann die Theorie-Prüfung vielleicht in ihrer Muttersprache machen. Es gibt mehr als zehn Sprachen zur Auswahl.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Het theorie-examen voor het rijbewijs kan behalve in het Duits ook in twaalf vreemde talen worden afgelegd, bijv. Engels, Turks of Arabisch. Een minimale verblijfsduur van tien jaar bestaat niet.
Sinds 1996 hebben kinderen vanaf drie jaar tot ze naar school gaan wettelijk recht op een plaats in de Kindergarten (kleuteropvang); sinds 2013 geldt al een recht op opvang vanaf de eerste verjaardag. Een verplichting om te gaan is er niet.
De Volkshochschule (VHS, volksuniversiteit) is een openbare instelling voor bijscholing voor alle volwassenen, bijv. taal-, integratie- en computercursussen. Ze is niet alleen voor jongeren of gepensioneerden.
Met Kerstmis zetten veel gezinnen een kerstboom neer en versieren die met kaarsen, ballen en sterren. Eieren verstoppen hoort bij Pasen, kostuums bij carnaval en pompoenen bij Halloween.
A Mann und Frau sind geschieden und leben mit neuen Partnern zusammen.
B Zwei Frauen leben zusammen.
C Ein alleinerziehender Vater lebt mit seinen zwei Kindern zusammen.
D Ein Mann ist mit zwei Frauen zur selben Zeit verheiratet.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
In Duitsland mag een man niet met twee vrouwen tegelijk getrouwd zijn; bigamie is verboden en strafbaar. Paren van hetzelfde geslacht, samengestelde gezinnen en alleenstaande ouders zijn daarentegen toegestaan.
Bij opvoedingsproblemen is het Jugendamt (jeugdzorgdienst) de juiste instantie; het biedt advies en hulp bij de opvoeding. De GGD (Gesundheitsamt) en het bevolkingsregister zijn daarvoor niet bevoegd.
Het Briefgeheimnis (briefgeheim, artikel 10 van de Grundgesetz, Basiswet) beschermt privépost. Wie opzettelijk andermans brief opent, schendt het en kan zich zelfs strafbaar maken.
D die Unterstützung einer Anwältin/eines Anwalts✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Een scheiding wordt uitgesproken door de familierechtbank, en wie de scheiding aanvraagt, moet zich laten vertegenwoordigen door een advocaat. Toestemming van ouders of kinderen is niet nodig.
D Ich kann mich bei der Behördenleiterin/beim Behördenleiter beschweren.✓ juist
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Als je bij een overheidsinstantie slecht wordt behandeld, kun je een klacht indienen bij het hoofd van de instantie, bijv. met een Dienstaufsichtsbeschwerde (klacht over het gedrag van een ambtenaar). Instanties moeten iedereen correct en respectvol behandelen; dreigen is geen oplossing.
Een sollicitante mag niet worden afgewezen alleen omdat ze moeder is. Dat verbiedt het Allgemeines Gleichbehandlungsgesetz (AGG, de Duitse algemene wet gelijke behandeling); onvoldoende talenkennis, geen ervaring of te hoge salariseisen zijn daarentegen zakelijke redenen.
Niemand mag vanwege een handicap worden benadeeld (artikel 3 lid 3 van de Grundgesetz, de Duitse grondwet). Een rolstoel belet niemand om als boekhouder te werken, dus deze afwijzing is discriminatie.
A Regeln für die Benutzung öffentlicher Verkehrsmittel.
B alle Mieterinnen und Mieter im Haus.
C Regeln, an die sich alle Bewohnerinnen und Bewohner halten müssen.✓ juist
D die Adresse des nächsten Ordnungsamtes.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
De Hausordnung (huisregels) bevat regels voor het samenleven in het gebouw, bijvoorbeeld rusttijden, afval scheiden of het trappenhuis schoonmaken. Alle bewoners moeten zich eraan houden.
Tegen een belastingaanslag (Steuerbescheid) dien je bij het Finanzamt (belastingdienst) een Einspruch (bezwaar) in, normaal binnen een maand. Wie niets doet, moet de aanslag later accepteren zoals hij is.
Volgens artikel 3 van de Grundgesetz (grondwet) zijn alle mensen gelijk voor de wet en mag niemand worden benadeeld vanwege afkomst of huidskleur. Wie mensen vanwege hun huidskleur weigert, schendt het recht op gelijke behandeling (Gleichbehandlung).
Wie als Wahlhelfer (stembureaulid) wordt aangewezen, moet deze erefunctie volgens de kieswet aannemen en mag alleen om belangrijke redenen weigeren. Stembureauleden tellen op de verkiezingsdag de stemmen; de andere activiteiten zijn vrijwillig.
B Ich lege Widerspruch bei der Behörde ein.✓ juist
C Ich schicke die Rechnung an die Behörde zurück.
D Ich gehe mit der Rechnung zum Finanzamt.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Tegen een verkeerde beslissing of rekening van een overheidsinstantie dien je schriftelijk Widerspruch (bezwaar) in bij diezelfde instantie, meestal binnen een maand. De rekening laten liggen of terugsturen is niet genoeg.
B Erwachsene müssen auch nach der Ausbildung immer weiter lernen.✓ juist
C Kinder lernen in der Schule alles, was im Beruf wichtig ist. Nach der Schule muss man nicht weiter lernen.
D Alle müssen früher aufhören zu arbeiten, weil sich alles ändert.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Omdat techniek en beroepen snel veranderen, moet je ook na school en opleiding blijven leren (levenslang leren). Daarvoor zijn in Duitsland veel mogelijkheden, bijvoorbeeld bij de Volkshochschule (volksuniversiteit).
Loonbelasting (Lohnsteuer) en sociale premies (pensioen-, ziektekosten- en werkloosheidsverzekering) worden direct van het salaris ingehouden. De Umsatzsteuer (btw) betaal je daarentegen bij het winkelen, in de prijs van goederen en diensten.
De Betriebsrat (ondernemingsraad) wordt door de werknemers gekozen (mogelijk vanaf 5 werknemers) en behartigt hun belangen tegenover de werkgever, bijvoorbeeld bij ontslag of werktijden. Een Betriebsprüfer is daarentegen een belastingcontroleur van het Finanzamt.
Wie ontslag wil nemen, moet de Kündigungsfrist (opzegtermijn) uit het arbeidscontract of de wet in acht nemen. Volgens de wet is dat voor werknemers minstens vier weken tegen de 15e of het einde van de maand, en de opzegging moet schriftelijk zijn.
A aus der Mitgliedschaft in der Europäischen Union (EU)
B aus den nationalsozialistischen Verbrechen gegen Juden✓ juist
C aus dem Grundgesetz der Bundesrepublik Deutschland
D aus der christlichen Tradition
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Onder het nationaalsocialisme werden ongeveer zes miljoen Joden vermoord (Holocaust/Shoah). Uit deze misdaden volgt de bijzondere verantwoordelijkheid van Duitsland voor Israël en voor de bescherming van joods leven.
Niemand mag worden benadeeld vanwege huidskleur of afkomst (artikel 3 Grundgesetz en de AGG, de Duitse wet gelijke behandeling). Onvoldoende Duits of geen werkervaring kunnen daarentegen zakelijke redenen voor een afwijzing zijn.
Als een nieuw product kapot is, kun je het bij de verkoper reklamieren (een klacht indienen/terugbrengen). Volgens de wettelijke garantie (Gewährleistung, 2 jaar) moet de verkoper het dan repareren of een nieuw apparaat leveren.
A es eine Kirchensteuer gibt, die an die Einkommen- und Lohnsteuer geknüpft ist.✓ juist
B das für die Statistik in Deutschland wichtig ist.
C man mehr Steuern zahlen muss, wenn man nicht zu einer Kirche gehört.
D die Kirche für die Steuererklärung verantwortlich ist.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Leden van de grote kerken betalen kerkbelasting (Kirchensteuer); die bedraagt 8 of 9 procent van de inkomsten- of loonbelasting en wordt door het Finanzamt geïnd. Wie niet bij zo'n kerk hoort, betaalt die niet.
D Der Staat entscheidet, an welchen Gott die Menschen glauben.
Uitleg (EUpassway, niet officieel)
Religieuze tolerantie betekent: iedereen mag vrij kiezen in welke religie hij gelooft of helemaal niet te geloven (artikel 4 Grundgesetz, grondwet). De staat schrijft geen geloof voor en beschermt alle religies.
Met Pasen (Ostern) beschildert men eieren en verstopt ze, vaak voor kinderen. Een kerstboom versier je met Kerstmis en vuurpijlen schiet je af op oudejaarsavond (Silvester).
Pfingsten (Pinksteren) is een christelijke feestdag 50 dagen na Pasen. Christenen vieren dat de Heilige Geest naar de leerlingen van Jezus kwam; tweede pinksterdag is in heel Duitsland een vrije dag.
Het christendom heeft Europa en Duitsland eeuwenlang gevormd, bijvoorbeeld via feestdagen als Kerstmis en Pasen, kerken en waarden. Andere religies zijn nu ook in Duitsland aanwezig, maar hebben de cultuur niet zo lang gevormd.
De Adventszeit (adventstijd) omvat de vier zondagen voor Kerstmis; veel mensen steken elke zondag een extra kaars aan op de adventskrans. Buß- und Bettag, Erntedankfest (oogstdankfeest) en Allerheiligen zijn losse feestdagen in de herfst.
De grootste groep mensen met een migratieachtergrond in Duitsland heeft Turkse wortels. Velen kwamen vanaf 1961 als gastarbeiders (Gastarbeiter), later volgden hun families.
De DDR (voormalig Oost-Duitsland) haalde vooral zogenaamde contractarbeiders (Vertragsarbeiter) uit socialistische partnerlanden, vooral uit Vietnam, Mozambique en Polen. Ze mochten meestal maar voor een bepaalde tijd blijven.
In de jaren 1950 en 1960 wierf de Bondsrepubliek arbeidskrachten in het buitenland en noemde hen Gastarbeiter (gastarbeiders), omdat men dacht dat ze maar kort zouden blijven. Velen bleven echter blijvend in Duitsland.
De Bondsrepubliek sloot de eerste wervingsovereenkomst in 1955 met Italië. Later volgden onder andere Spanje en Griekenland (1960), Turkije (1961) en Portugal (1964).
Quelle: BAMF, Gesamtfragenkatalog, Stand 07.05.2025
Cookies op EUpassway
Noodzakelijke cookies houden je ingelogd. Met je OK onthouden we ook je examen en tellen we bezoeken anoniem. Details
We gebruiken noodzakelijke cookies om je ingelogd te houden en proefoefeningen te bewaren. Met je toestemming onthouden we ook je examen en meten we bezoeken met Google Analytics (geanonimiseerde statistiek, geen advertenties). Je kunt dit altijd wijzigen. Details over cookies